Twee weken geleden werd een museum in Brabant op zeer pijnlijke wijze ‘s nachts geslachtofferd door inbrekers. Er werd een groot aantal, merendeels antieke, koperen blaasinstrumenten gestolen. De inbraak werd pas de volgende ochtend ontdekt. Het lijkt erop dat de inbreker(s) een vrachtwagen de transportruimte in reden en alle tijd hadden een aanzienlijk deel van de collectie in te laden en mee te nemen. Na enkele dagen is een verdachte aangehouden die trachtte het koper van inmiddels onherstelbaar vernielde instrumenten te verkopen aan een metaalhandel. Zoals met alle koper- en bronsdiefstallen is er nauwelijks enige relatie tussen de grondstofwaarde – enkele euro’s per kilo – en de waarde van de objecten die gestolen en vernield worden. We hebben het hier over een ordinaire diefstal door ordinaire kruimeldieven. Mislukkelingen die voor een paar euro per kilo ‘s nachts op pad gaan om kostbaar erfgoed te vernielen. Cultuurarm maatschappelijk uitschot dat grote culturele schade aanricht.

De inbraak en diefstal uit dit Brabantse museum geeft reden tot zorg en tot het plaatsen van enkele kanttekeningen. De beheerder/conservator van het museum verklaarde in de pers al lang zorgen te hebben over brand- en inbraakgevaar. Blijkbaar is het niet gelukt die zorg over inbraak te verminderen door het treffen van inbraakwerende maatregelen en de installatie van een inbraakmeldsysteem. Zou zo’n systeem er wel geweest zijn, dan was er misschien alsnog ingebroken, maar zouden de inbrekers nooit de koelbloedigheid en de tijd hebben gehad een omvangrijk deel van de collectie weg te nemen.

Niveaus inbraakwerendheid

Niveau 1: inbraak met diefstal is vrijwel onmogelijk

Als erfgoedbeheerder – museum, bibliotheek, archief, monument, kerk met kostbare collecties – beschik je natuurlijk het liefst over een niveau van inbraakwerendheid waarbij de kans op inbraak met diefstal vrijwel uitgesloten is. Dat niveau is mogelijk, maar voor veel erfgoedbeheerders nauwelijks haalbaar. Die haalbaarheid wordt niet alleen bepaald/beperkt door financiële middelen maar ook door de huisvesting. Veel musea zijn nu eenmaal gehuisvest in, monumentale, gebouwen die oorspronkelijk geen museale functie hadden. Bovendien zijn er nauwelijks musea die in staat zijn zelfstandig financieel de broek op te houden. De afhankelijkheid van sponsoren en subsidiegevers beperkt de mogelijkheden. Het is voor sponsoren niet bepaald sexy geld beschikbaar te stellen voor beveiliging en veiligheid.
Het hoogste niveau van beveiliging, waarbij dus niet ingebroken en gestolen wordt, kan bereikt worden door de combinatie van een bouwkundige inbraakwerendheid in de buitenschil van minimaal 5 minuten contacttijd – uit interviews met inbrekers blijkt dat men in de meeste gevallen pogingen staakt wanneer het niet binnen een paar minuten lukt toegang te forceren -, inbraakvertragende inpandige compartimentering, inbraakwerende vitrines en andere meeneembeperkende maatregelen. Daarnaast moet de inbraaksignalering zo zijn geprojecteerd dat pogingen tot inbraak in een zo vroeg mogelijk stadium gesignaleerd worden. Het heeft beperkt nut allerlei inbraakwerende maatregelen te treffen en inbraak pas te signaleren wanneer men binnen is. Tenslotte moet de alarmopvolging zo zijn georganiseerd dat inbrekers minimale tijd is gegund hun slag te slaan. Die alarmopvolging moet aangestuurd worden vanuit een particuliere alarmcentrale (PAC) van waaruit men op afstand de alarmen kan verifiëren. De politie is sinds enkele jaren niet meer bereid uit te rukken enkel op basis van elektronische alarmen. Die alarmen dienen eerst geverifieerd te worden. Het zal duidelijk zijn dat verificatie op locatie door een beveiligingsfirma of in eigen beheer – over het algemeen niet aan te raden – veel kostbare tijd kost. Rechtstreekse verificatie vanuit de PAC aan de hand van camerabeelden, geluidsverbinding of technisch – binnen de topografie van het gebouw opeenvolgende alarmen – verdient de voorkeur. De politie kan dan in een vroeg stadium gealarmeerd worden. Afspraak is dat aan geverifieerde alarmen door de politie prioriteit 1 gegeven wordt. Er moet overigens binnen een kwartier nadat de politie gearriveerd is een sleutelhouder beschikbaar zijn. De eigen alarmopvolging moet dus ook goed georganiseerd worden.
De transmissie van informatie naar de PAC moet plaatsvinden via een beveiligde verbinding. Tot nu toe vindt die beveiligde transmissie voornamelijk plaats via ISDN lijnen. In toenemende mate wordt gebruik gemaakt van IP verbindingen. Belangrijk is dat er een draadloze back-up is.
Niveau 2: inbraak met omvangrijke diefstal is vrijwel onmogelijk.
Het hoogste beveiligingsniveau waarbij een succesvolle diefstal na inbraak nauwelijks mogelijk is, hangt dus af van hoogwaardige inbraakwerendheid, zeer vroege signalering, verificatie op afstand vanuit een PAC en een snelle alarmopvolging. Dit niveau vergt aanzienlijke investeringen en is voor veel musea moeilijk realiseerbaar. Met name een hoog niveau van inbraakwerendheid van minimaal vijf minuten blijkt in de praktijk lastig. Als dat zo is, dan moet de beveiliging zo georganiseerd worden dat het in ieder geval niet mogelijk is de highlights van de collectie of een groot aantal objecten te stelen. Dus: de highlights moeten bij inbraak, dankzij inpandige inbraakvertragende compartimentering en eventueel inbraakvertragende vitrines, niet voor het grijpen liggen. Er moet inbraaksignalering zijn, alarmen moeten op afstand geverifieerd worden en de alarmopvolging moet snel zijn.
Het mag niet zo zijn dat bij onvervangbare museale collecties helemaal geen sprake is van inbraakwerende maatregelen of een inbraakmeldsysteem. Wanneer deze beide ontbreken kan het voorkomen dat ongemerkt ingebroken en een groot aantal objecten gestolen wordt. Het is in een dergelijke situatie beter de collectie onder te brengen in een beveiligde omgeving totdat het gewenste niveau van beveiliging gerealiseerd kan worden.
Ton Cremers

06-24224620

toncremers@museum-security.org

November 30th, 2010

Posted In: diefstal uit museum

271 werken van Pablo Picasso uit het begin van de vorige eeuw, zijn creatiefste periode, waarvan niemand het bestaan vermoedde en die zeker 60 miljoen euro waard zijn. Dat is de inzet van een proces dat de erven Picasso voeren tegen een elektricien.14 januari 2010. Claude Picasso, zoon van de schilder Pablo Picasso en beheerder van zijn nalatenschap, krijgt een brief van een zekere Pierre Le Guennec. In de envelop zitten 26 foto’s van schilderijen en tekeningen en de man vraag hem om authenticiteitsattesten voor de onbekende werken. Le Guennec stuurt nog meer foto’s, in golven: 39 in maart, 30 in april. Al te scherp zijn de foto’s niet. En er rijzen steeds meer vragen over de afkomst van de afgebeelde werken, want niet een komt overeen met de beschrijving van een bekend werk.

Claude Picasso laat weten dat hij hoe dan ook geen attest kan afgeven zonder het werk zelf te zien. Op 9 september reist een koppel zeventigers van de Côte d’Azur naar de kantoren van Picasso Administration in de rue Volney in Parijs. Ze hebben een valies mee. Claude en zijn medewerkers hebben drie uur nodig om de inhoud te bekijken. Ze staan versteld: voor hen liggen niet minder dan 175 onbekende werken van de bekendste schilder van de vorige eeuw, waarbij twee schriften met in totaal 97 tekeningen. Niemand heeft ze ooit eerder gezien. Geen enkel staat in de inventaris van de erfenis. Ze staan voor een raadsel. En dan laat het bejaarde stel ook nog eens 59 nieuwe foto’s achter.
De verzameling stamt uit de periode 1900-1932, toen de jonge schilder in de grootste armoede leefde en net naam begon te maken met zijn eerste tentoonstellingen. De werken zijn ongelooflijk zeldzaam. Zo zijn er negen collages cubistes, die op hun eentje al 40 miljoen kunnen opbrengen. Het waren volgens de schilder Tzara ‘gezegden’ die Picasso in 1912 had samengesteld; ze zijn zeer fragiel en de meeste zijn verloren gegaan tijdens de overstroming van Picasso’s atelier in Montrouge en de verhuizing daarna. Maar er zijn ook een aquarel uit zijn blauwe periode, gouaches op papier en een paar studies op doek van een hand, die waarschijnlijk teruggaan op andere schetsen die hij in 1920 van zijn eigen hand maakte. En er zijn een dertigtal litho’s — een nieuwe techniek waarmee hij aan het eind van dat jaar experimenteerde – en meer dan 200 tekeningen.
Saters
Daar zitten prachtige portretten in de stijl van Ingres bij, van zijn eerste echtgenote Olga. Ze getuigen van een gelukkige periode waarin Picasso, na de Grote Oorlog, teruggreep naar de klassieke kunst. Er is een karikatuur van André Salmon, de jonge kunstcriticus die Picasso steunde van toen hij in Montmartre arriveerde. Er zijn de krullen van een vijftiental studies voor de Drie Gratiën, waaraan hij voortdurend werkte in 1923; hondengevechten, een kruisiging, saters en zelfs landschappen, die Picasso zelden schilderde.Het zijn werken die gelinkt zijn aan cruciale perioden in Picasso’s leven en oeuvre, zoals zijn oefeningen in het marbreren, toen hij en Braque om het best de klassieken nadeden. Of het werk uit de Blauwe Periode, die van ‘miserie en genialiteit’, zoals Max Jacob het uitdrukte, met als triest dieptepunt de zelfmoord in 1901 van Picasso’s beste vriend Carlos Casagemas. Sommige schetsen zijn duidelijk werkdocumenten, met nummers die aanduiden welke kleuren een bepaald vlak moet krijgen.
Alarmsysteem
Zou het om briljante vervalsingen kunnen gaan? Dat was uiteraard de eerste gedachte van de experts die de werken voor het eerst te zien kregen. Maar die mogelijkheid sloten ze ook snel weer uit. Het zou onmogelijk zijn om met zoveel verschillende technieken zulke hoogstaande werken te maken. En bovendien bevatten veel documenten informatie die een vervalser niet kan kennen.
Zo had Picasso in 1935, met het oog op zijn echtscheiding van Olga, aan zijn verkoper Paul Rosenberg gevraagd om zijn werk te inventariseren. De kisten zijn lang blijven staan in het appartement vlak bij zijn galerie, dat Rosenberg in de rue La Boétie voor het stel had gevonden, tot de stad het wegens leegstand opeiste in de jaren vijftig. De documenten werden dan verhuisd naar de villa La Californie, die Picasso in 1955 in Cannes had gekocht. Toen hij die in de jaren zestig ook niet langer gebruikte, bleven ze daar staan, chronologisch geklasseerd, tot bij Picasso’s dood in 1973. De schetsen stonden apart per jaar, de litho’s in andere dozen.Hoe kan het bejaarde stel dan een selectie uit die archieven hebben verzameld die zo verscheiden is en uit zoveel verschillende periodes dateert? Blijkbaar heeft Pierre Le Guennec, die nu 71 is, als elektricien voor de schilder gewerkt in de laatste drie jaar van zijn leven en in de verschillende woningen van de schilder aan de Azurenkust: La Californie, het kasteel van Vauvenargues en de mas Notre-Dame-de-Vie in Mougins, waar hij is overleden. Le Guennec zegt zelfs dat hij er alarmsystemen heeft geïnstalleerd.‘De zes erfgenamen hebben op 23 september samen beslist om een klacht wegens verduistering in te dienen’, zegt de advocaat van de Picasso’s, meester Jean-Jacques Neuer. Het Office Central de Lutte contre le Trafic des Biens Culturels (OCBC) schoot in actie zodra de klacht het parket van Grasse bereikte, om de kunstschat niet te laten verdwijnen. Op 5 oktober werd de verzameling bij Le Guennec in Mouans-Sartoux in beslag genomen. Tot er een uitspraak komt, wordt ze bewaard in een kluis van het OCBC in Nanterre.Le Guennec pleit onschuldig. Hij had in Parijs uitgelegd dat ‘le maître’ (een aanspreektitel die Picasso haatte) hem de stukken cadeau had gedaan. Aan de ondervragers verklaarde hij dat een deel van Picasso’s laatste echtgenote Jacqueline kwam, die in 1986 is overleden. Jacqueline ligt naast Pablo begraven in het kasteel van V auvenargues en kan het dus niet meer tegenspreken.
Maar de familie van de schilder gelooft het verhaal van de elektricien niet (zie inzet). Picasso was zich zo bewust van de waarde van zijn œuvre, dat hij soms werken terugkocht die hij belangrijk vond. Hij hield alles bij, zelfs het eerste schilderij dat hij op zijn achtste van een torero maakte, maar ook de schetsen die zijn vader hem liet maken. Een mislukte schets, zoals die van een baadster, kon hij twintig jaar later toch oppikken. Zijn eerste vriendin Fernande heeft ooit getuigd met hoeveel weerzin hij afstand deed van verkochte doeken: soms kon hij na een verkoop een paar dagen niet schilderen. ‘Niemand mocht een voet in zijn atelier zetten.’
Erfenis
De familie Picasso maakt zich volgens hun advocaat op voor een sappig proces. ‘Voor alles moeten we een verzameling terugkrijgen die van onschatbare waarde is voor de kunstgeschiedenis.’ Niemand heeft ooit een schenking van deze omvang gekregen. Maar hoe kon de schat dan veertig jaar verborgen blijven? In Frankrijk moeten er na dertig jaar geen erfenisrechten meer worden betaald op een schenking. Heeft het stel gedacht deze ‘erfenis’ nog bij leven te regelen voor hun kinderen? De familie Picasso laat de rechter beslissen, maar houdt het op ‘verduistering’, waarvoor geen verjaringstermijn bestaat: het delict blijft lopen zolang iemand een object houdt waarvan hij weet dat het gestolen is.Maar dan moet wel bewezen worden dat het hier om een diefstal gaat. De elektricien was er, tijdens een telefoongesprek met de krant Libération, gerust op. Hij hield het bij een kort en krachtig ‘we zien wel wat er komt’.
Vincent Noce, © Libération 29/11/2010
http://www.standaard.be/artikel/detail.aspx?artikelid=BS330COL

November 30th, 2010

Posted In: Uncategorized

Alain Lacoursière a été un policier téméraire et atypique qui a rapidement compris comment se servir des médias pour faire avancer ses causes.
Dans les couloirs du Service de police de la Ville de Montréal et ceux de la Sûreté du Québec, ceux qui connaissaient Alain Lacoursière le surnommaient Picasso. L’ex-sergent-détective spécialisé dans le vol de tableaux ne s’en est jamais formalisé. Aujourd’hui retraité et sujet de la biographie Le Columbo de l’art publié chez Flammarion, le Picasso de la police deviendra en janvier animateur à Télé-Québec de l’émission Art sous enquête.

Ce matin-là, Alain Lacoursière avait un rendez-vous au quartier général du Service de police de la Ville de Montréal. Bizarre de la part d’un ex-policier qui a pris sa retraite définitive le printemps dernier après 28 ans de fidèles et loyaux services. Pourquoi alors revenir sur les lieux du crime un petit lundi matin de la mi-novembre? Par ennui? Par nostalgie? Pour payer une contravention? Non, par amitié pour Marc Parent, le nouveau directeur du SPVM.

Fraîchement installé dans ses nouvelles fonctions, Parent a demandé à son vieux chum Lacoursière de lui choisir quelques tableaux. Pour égayer les murs de son bureau, mais aussi pour ne pas avoir l’air d’un béotien en matière d’art devant les visiteurs. Le choix de Lacoursière? Deux Riopelle des années 50, la plus belle période, et un Rembrandt. Des faux, bien entendu, que Lacoursière a sortis des coffres du Musée de la police.

«Le SPVM a une belle collection de faux qui sont très utiles. Car pour identifier un faux, ça prend des comparables qui te permettent d’étudier la signature du faussaire, le type de peinture utilisé. C’est pour ça que, maintenant, quand la police saisit un faux, elle le garde au lieu de le détruire», raconte Lacoursière, une heure après avoir joué au conservateur dans le bureau de Marc Parent.

Rarement l’ami du patron

Nous sommes au lendemain du passage de Lacoursière à Tout le monde en parle. Son portable posé sur la table du restaurant n’arrête pas de sonner.  Depuis qu’il a lancé sa propre boîte d’experts-conseils en art, les clients se bousculent à sa porte pour faire expertiser un tableau ou lui demander quoi acheter. Mais surtout, Lacoursière est très populaire auprès des conservateurs des collections des grandes entreprises comme la Caisse de dépôt, la Banque Nationale et Hydro-Québec qui l’invitent à des grands dîners ou à faire partie de jurys pour déterminer qui monte en art contemporain. Bref, depuis son départ des forces policières, Lacoursière fraie avec le grand monde.

À cet égard, ce n’est plus tout à fait le même homme que j’ai rencontré pour la première fois en 1993, l’idéaliste fumeur de pipe et amateur de George Sand qui venait d’être suspendu après une troisième enquête en discipline. À l’époque, Lacoursière accusait la police de Montréal d’avoir l’esprit étroit et les deux pieds dans la même bottine. «Pour les boss dans la police, ce qui compte, c’est d’avoir l’air efficace. Pas de l’être», m’affirmait-il.

Autant dire que le directeur de l’époque ne le portait pas dans son coeur. Pendant ses 28 ans de service, Lacoursière a rarement été l’ami de ses patrons. C’est pourquoi son apologie de Marc Parent m’a étonnée, jusqu’à ce qu’il me raconte la petite histoire.

Lacoursière et Parent se sont connus à la Moralité au SPVM et sont rapidement devenus amis. Ils ont fait de la patrouille ensemble, mais surtout, pendant une année, ils ont fait du covoiturage tous les matins à partir de Boisbriand où ils s’étaient chacun acheté une maison avec leurs conjointes. «Je me souviens encore de la crème Budwig qui ressemblait à du Polyfilla que Marc mangeait dans le char tous les matins. Le coeur me levait. Même s’il me tombait sur les nerfs avec son alimentation trop saine, j’ai toujours eu le plus grand respect pour ce gars-là, qui est non seulement un athlète et un musicien – il joue du sax et du piano – mais le gars le plus brillant qu’on pouvait trouver pour diriger la police.»

De tels compliments à l’égard d’un cadre supérieur sont rares dans la bouche de Lacoursière, qui a longtemps été vu comme un rebelle, un électron libre et un enquêteur non conventionnel, réfractaire à l’autorité, qui abhorrait la bureaucratie policière et qui n’hésitait pas à tourner les coins rond pour s’y soustraire.

Changement de mentalité

Même si Lacoursière tombait sur les nerfs de ses supérieurs, ceux-ci ont fini par reconnaître que son obsession pour le vol de tableaux n’était pas une lubie. Et que les crimes liés aux arts n’étaient pas que des crimes de riches, qu’ils avaient une incidence économique, sociale et culturelle importante. Ç’a l’air de rien comme ça, mais c’est tout un changement de mentalité que cet ex-bum a opéré dans le monde policier, comme le relate le journaliste Sylvain Larocque dans Le Columbo de l’art.

Policier téméraire et atypique qui a rapidement compris comment se servir des médias pour faire avancer ses causes, Lacoursière aurait peut-être pu se retrouver à la haute direction de la police. Fin des années 80, il a fait un bac en gestion du personnel pour s’engager dans cette voie. Mais au moment de passer ses examens au SPVM, la perspective de patauger dans des tâches administratives et de faire du «gardiennage de flic» à longueur de journée l’a découragé.

Au lieu de monter en grade, Lacoursière, qui venait de se séparer, a pris un avion pour Paris où il a visité tous les musées à visiter. De retour à Montréal, il s’est inscrit en histoire de l’art à l’Université de Montréal. «Je ne voulais plus rien savoir de la police sauf pour payer ma maison et mes voyages, raconte-t-il. Puis, par pur intérêt personnel, j’ai commencé à m’intéresser aux oeuvres d’art volées et, surtout, j’ai commencé à en retrouver.»

Sa première prise fut un tapis persan en soie valant plus de 300 000$, volé aux États-Unis et vendu dans un encan à Montréal. C’est le FBI qui lui avait signalé le vol, et quand on lui a envoyé un mot de remerciement pour avoir récupéré le tapis, ses patrons ont commencé à le regarder autrement. Au bout de quelques années, le SPVM a consenti à ce que Lacoursière enquête à temps plein sur le vol d’art et pendant ses dernières années de service, il a été prêté à la Sûreté du Québec pour mettre sur pied le groupe de répression des crimes liés aux oeuvres d’art aujourd’hui dirigé par Jean-François Talbot.

Le respect des artistes

Reste que ce qui est le plus touchant chez Lacoursière, c’est le respect qu’il voue aux artistes et l’appui inconditionnel qu’il leur a témoigné quand ils en avaient le plus besoin. Son amitié avec le peintre Serge Lemoyne, qu’il a aidé financièrement, qu’il a accompagné à ses séances de chimio et dont il a organisé les funérailles, en est un bel exemple. Idem pour Claude Robinson. Prétextant que la cause de plagiat qui opposait Robinson à Cinar tombait dans le domaine des fraudes perpétrées sur le territoire du SPVM, Lacoursière a fait éclater l’affaire des prête-noms en recueillant le témoignage de Thomas Lapierre.

Même si le dossier lui a par la suite été retiré, ce coup de pouce salutaire fut la première grande victoire de Robinson. Dernièrement, le dessinateur, qui n’avait pas touché un fusain depuis 14 ans, s’est remis à dessiner des portraits. Le premier de tous fut celui de Lacoursière, qui l’avait invité à venir se reposer dans sa maison à la campagne. Aujourd’hui, le portrait du Columbo de l’art par Robinson orne la couverture de la bio du même nom.

En janvier, Lacoursière animera une émission d’enquête sur l’art à Télé-Québec. Un livre, de la télé, des clients à la pelle, une nomination au Conseil international des musées de l’UNESCO, autant dire que le Picasso de la police ne regrette pas d’avoir abandonné la loi et l’ordre pour l’art.

Publié le 27 novembre 2010 à 10h05 | Mis à jour le 27 novembre 2010 à 10h05
http://www.cyberpresse.ca/arts/arts-visuels/201011/27/01-4346984-alain-lacoursiere-pour-lamour-de-lart.php

Photo Robert Skinner, archives La Presse

Nathalie Petrowski
La Presse

November 30th, 2010

Posted In: Mailing list reports

Russia will take part in the restoration of Orthodox Christian shrines in Kosovo. In an arrangement with UNESCO, Russia will donate $ 2 mln for this in 2010 – 2011.

This money will be spent on restoring four Orthodox facilities which are included in the UNESCO World Heritage list – the monastery of the Serbian Patriarchate in Peć, monasteries in Dečani and Gračanica and the church of the Mother of God in Prizren. Russia is also organizing the necessary administrative work and expert examinations. It will send there experienced architects, engineers and experts who will take part in the restoration works.

Since 2000, Albanian separatists have destroyed over 150 monasteries and churches in Kosovo. Many other historical monuments are also under a threat of being destroyed. All this time, Russia has been expressing its readiness to help restore the ruined shrines. The late Russian Orthodox Patriarch  Alexy II has many times called on the world’s community to preserve the Kosovo heritage. The Russian Church has been constantly sending its representatives to Kosovo to help restore the ruined churches.

The chairman of the Department for external relations of the Russian Orthodox Church Metropolitan Hilary says that the program to restore the Kosovo heritage is still working.

“The Russian Church will continue to render feasible help to Orthodox Christians in Kosovo, in particular, to monasteries and convents. The Serbian clergy welcomes Russian monks and nuns when they come to Kosovo. After all, the Russian Church has a lot of experience in organizing monasteries –  today, there are over 800 monasteries and convents in Russia. We can well help our brethren in Kosovo.”

The UN sees preservation of the UNESCO world heritage as one of its primary tasks. About 200 countries are already taking part in the UN’s program to  preserve historical monuments. Russia’s decision to donate money to save the Kosovo shrines is a part of the UN’s humanitarian program for Kosovo.

http://english.ruvr.ru/2010/11/29/35864816.html
Tags: Kosovo’s Orthodox monuments, Russia, World, Commentary, Politics
Milena Faustova
Nov 29, 2010 15:22 Moscow Time

November 30th, 2010

Posted In: Mailing list reports

As a retired odd job man and electrician, Pierre Le Guennec is the unlikeliest of art collectors to be discovered with a haul of 271 unknown works by Picasso.

It is perhaps why the French police arrested the 71-year-old when they discovered the cache of sketches and paintings worth £50m at his Riviera home.

Mr Le Guennec claims that he was given the collection by the artist when he carried out odd jobs for him at his Côte d’Azur home 40 years ago.

However, Picasso’s son, Claude, suspects that the works were stolen.

Mr Le Guennec sent 26 amateur photographs of some of the works in August to Claude Picasso, who runs his father’s estate, asking to have the works authenticated.

The heir at first thought the works were fakes, as there was no record of them in his files, but intrigued, he asked to meet the sender.

Mr Le Guennec and his wife then travelled from their home on the Côte d’Azur to the Picasso Administration headquarters in Paris. To Claude Picasso’s    shock, they proceeded to unpack 175 totally unknown pieces from a suitcase, including two notebooks containing 97 drawings.

They left more photographs of studies for Picasso’s famous Trois Graces, a dog fight, a crucifixion, satyrs, landscapes and a hanged man from his blue period.

Art experts swiftly concluded that not even the greatest counterfeiter could have copied such a wealth of different styles, and there was no way they could have faked the classification numbers on some of them.

With the works authenticated, six Picasso heirs decided to file for charges against “persons unknown”. Police swooped on Mr Le Guennec’s flat in Mouans Sartoux, near Cannes, arresting him on suspicion of handling illegally obtained goods.

Days later, they seized the entire collection, which is currently being held in a vault in Nanterre, outside Paris at France’s Central Office for the Fight against Traffic in Cultural Goods, part of the Interior Ministry.

During questioning, Mr Le Guennec insisted the entire haul came from gifts from “the master” but then apparently changed his story, saying they were a gift from Picasso’s second wife Jaqueline Roque, who committed suicide in 1986.

He said he was given the works after installing alarm systems at three of the artist’s Riviera homes in the three years until his death in 1973 — La Californie, the villa he bought in Cannes in 1955, his chateau de Vauvenargues and Notre-Dame-de-Vie, the farmhouse in Mougins where he died.

But Picasso’s heirs pointed out that the artist was reluctant to gave away any works, obsessively kept everything and forbade people to enter his studio.

“To give such a large quantity (away) frankly doesn’t stand up. It was part of his life,” Claude Picasso said. He said that many of the pieces were not even dated, which, he said signified they should never have left the studio.

“He always dated, signed and wrote dedications in his gifts, knowing that some people would go on to sell them to meet their needs.” Mr Le Guennec’s wife yesterday insisted the works had been given by Jacqueline Roque in good faith. “We are not thieves. We have nothing to be ashamed of,” she said.

“My clients are very surprised to be accused of theft,” said the Le Guennecs’ lawyer, who added the couple had contacted the Picasso Administration “to    find out (the works’) value”.

“It was for their grandchildren, to keep them in the family; they’re not art experts,” she said.

A protracted legal battle is expected to ensue to determine the works’ rightful owners.

In the meantime, the pieces are a goldmine for Picasso experts. “Above all what counts is to retrieve a collection which is of historic importance for art history,” said a lawyer for the artist’s family.

http://www.telegraph.co.uk/culture/art/art-news/8168491/271-Picasso-paintings-discovered-in-Paris.html

By Henry Samuel, Paris 4:15PM GMT 29 Nov 2010

November 30th, 2010

Posted In: Mailing list reports

Het zal voor niemand van jullie nieuwe informatie zijn dat nitraatfilms – dus films van voor 1953, het jaar waarin safetyfilm op de markt kwam – zeer brandgevaarlijk zijn. Ze ontvlammen niet alleen spontaan bij een zeer lage temperatuur, circa 35 graden, maar eenmaal brandend zijn ze niet te blussen. Kijk via de onderstaande link naar vergeefse bluspogingen via onderdompeling in water, afdekken met zand of blusschuim, en overige conventionele blusmethoden: scary!
http://video.google.com/videoplay?docid=7892683211336574432&ei=sTOjSd6MJpuW2gL6ovCNDg&q=nitrofilm&hl=de#
Reden genoeg voor alle erfgoedbeheerders die nitraatfilms hebben, hoe weinig dan ook, deze films onder te brengen in gekoelde ruimtes, bij voorkeur in een hoogbeveiligde ruimte.
Ton Cremers
http://video.google.com/videoplay?docid=7892683211336574432&ei=sTOjSd6MJpuW2gL6ovCNDg&q=nitrofilm&hl=de#

November 29th, 2010

Posted In: Uncategorized

The Restitutions Committee has advised the State Secretary for Education, Culture and Science (OCW) concerning a claim to a looted work of art. The Committee advises granting the claim to the painting Winter Landscape by Jan van de Velde II from the Rijksmuseum collection. The painting Winter Landscape by Jan van de Velde II in the Rijksmuseum Amsterdam was claimed by the heirs of Curt Glaser, a prominent German art historian of Jewish descent. From 1924, Glaser was director of the Staatliche Kunstbibliothek (the State Art Library) in Berlin. In its recommendation, the Committee describes how, soon after the Nazis assumed power in Germany in 1933, Glaser was subject to anti-Jewish measures and persecution. The authorities ordered Glaser to empty and vacate his home, after which the Gestapo established its headquarters there. In addition, Glaser lost his job due to a law that provided for the removal of Jews and political opponents from the civil service. In preparation for his escape from Germany, Glaser sold his extensive art and book collection, which included the Van de Velde II painting. In July 1933, Glaser and his wife managed to flee from Germany to the United States, where he died in 1943. After having moved from one place to another, the painting by Van de Velde II ended up in the Rijksmuseum in 1935, through a donation from a private collector. Since then, it has been part of the Dutch national art collection. Because the painting by Van de Velde II is government property, it comes under the Dutch government’s generous restitution policy. The Restitutions Committee is of the opinion that Curt Glaser lost possession of this painting involuntarily in 1933, as a result of the persecution he endured by the Nazi regime. The Committee therefore advises the State Secretary to return the painting to Curt Glaser’s heirs. The Restitutions CommitteeSince January 2002, the Restitutions Committee has provided recommendations to the State Secretary for Education, Culture and Science regarding claims to items of cultural value in the possession of the national government. In addition, the Committee can also issue binding recommendations concerning disputes between two parties over an item of cultural value not in the possession of the national government.Click on the following link to access the complete text of the recommendation in the Glaser case:
http://www.restitutiecommissie.nl/en/rc_1.99/advies_rc_1.99.html
For more information, please contact Evelien Campfens, secretary/rapporteur of the Restitutions Committee on
+31 (0)70 376 59 92.
mr. Evelien Campfenssecretary/rapporteur Restitutions Committee
Lange Voorhout 9
P.O. Box 556
2501 CN  The Hague
The NetherlandsT + 31 (0)70 376 5993
F + 31 (0)70 362 9654
E e.campfens@restitutiecommissie.nl
http://www.restitutiecommissie.nl

November 29th, 2010

Posted In: WWII

This content is password protected. To view it please enter your password below:

November 29th, 2010

Posted In: Mailing list reports

Edwin Rist will be sentenced at St Albans Crown Court in January
A musician has admitted stealing rare bird skins from the Natural History Museum at Tring in Hertfordshire to raise money for a new flute.

The 299 brightly-coloured skins were taken from a collections area of the Akeman Street museum on 24 June 2009 during a break-in.

US citizen Edwin Rist, 22, appeared at Hemel Hempstead Magistrates’ Court and admitted burglary and money-laundering.

He will be sentenced at St Albans Crown Court on 14 January.

Hertfordshire Police said most of the birds had been recovered.

Rist, a student at The Royal Academy of Music, was described as a very talented flautist and a James Bond fantasist by defence solicitor Andrew Harman.

Mr Harman said some of the money from the sale of the bird skins was going to be used to buy a new flute.

The museum’s director of science, Professor Richard Lane, said at the time of the break-in that the birds formed part of a collection assembled over the past 350 years.

He said the items were of scientific interest, and many were irreplaceable and “literally priceless”.

There are about 750,000 bird skins, representing 95% of known living species, held at the museum.

The museum said that specific birds had been targeted in the break-in
Professor Lane said the ornithological collections were used by researchers throughout the world, who either visit Tring or request loans.

He said: “The knowledge gleaned from these collections can help protect endangered species and answer questions about the biodiversity of the world around us.”

The court heard how Rist, of High Street, Willesden Green, London, visited the museum before the burglary, telling staff he was a photographic student taking pictures on behalf of an ornithologist from Oxford University.

They allowed him to photograph the birds, which were not on display but were in a separate locked room.

Police found the photographs along with pictures of the museum layout, prosecutor Jan Brooks said.

The court heard Rist used a brick to smash a window at the museum to get in.

He spent the night at Tring railway station with the stolen birds, after missing the last train home.

http://www.bbc.co.uk/news/uk-england-beds-bucks-herts-11845699t

November 27th, 2010

Posted In: Museum thefts

A painting by Swedish artist Anders Zorn was set to go under the hammer at a London auction until police informed the auction house the work had been stolen.

The painting, “Freja”, was stolen in a burglary of a family in the Stockholm area in 2004.

Six years later it has emerged at an auction organised by Sotheby’s in London. But when Swedish police caught wind of the sale, they put a stop to the auction, the Dagens Industri (DI) newspaper reports.

“I can confirm that the painting was withdrawn because of ambiguities regarding the ownership,” said Matthew Floris, spokesman for Sotheby’s, to DI.

According to the catalog, the painting was submitted to the auction by a private collector in Switzerland. Swedish police have said they will now question the man about the painting.

“In my estimation, one could suspect him of selling stolen goods, but the investigation hasn’t proceeded so far that he is formally a suspect,” said Lars Stervander of the Stockholm county police told the newspaper.

The painting technically belongs to the insurance company who paid compensation to the former owner in Sweden.

According to DI was the painting was insured for 3 million kronor ($428,000).

The Swedish artist Anders Zorn painted the work in 1901 and it depicts the naked goddess of love, Freja.

http://www.thelocal.se/30440/20101126/
Published: 26 Nov 10 08:42 CET | Double click on a word to get a translation
Online: http://www.thelocal.se/30440/20101126/

November 27th, 2010

Posted In: Auction Houses and stolen objects

While stationed in Afghanistan’s rural Kunar province, Fred Straka sometimes came across mud-brick buildings where villagers were selling all manner of bric-a-brac, including old coins and bronze daggers.
“You’d see a lot of what looked like artifacts,” recalled Straka, a Newark, Del., resident who was in the Delaware National Guard.
Though he bought an imitation Enfield rifle, Straka said he stayed away from objects that looked like antiquities.
Good move, he learned last week during a special two-day session at Fort Dix and the University of Pennsylvania Museum of Archaeology and Anthropology. Straka is now a lieutenant colonel attached to the Army’s 352d Civil Affairs Command, which is headed to Iraq next month to support local reconstruction efforts in 14 provinces.
He and 60 other soldiers heard presentations about how to respect the nation’s vast cultural heritage, whether that means thwarting looters of ancient sites or helping to preserve museums and mosques. The message was reinforced with a tour of the archaeology museum in West Philadelphia, where the troops got to see artifacts of the kind they might encounter overseas.
The idea for such briefings came from museum deputy director C. Brian Rose, in the wake of the 2003 looting of the Iraq National Museum – when an estimated 15,000 artifacts were stolen, 7,500 of which have since been recovered. Rose, who now is also president of the Archaeological Institute of America, imagined that U.S. armed forces could play a role in preventing future desecration. After going through various channels to enlist the military’s cooperation, he gave the first lecture in 2005, at Camp Lejeune, N.C.
Rose and other scholars who spoke last week had an obvious professional interest in encouraging troops to tread carefully amid the very sands of history, in a part of the world that includes the Mesopotamian cradle of civilization.
A respectful attitude has strategic value as well, Rose said.
Showing appreciation for local culture – past and present – helps troops to win the “hearts and minds” of the nation where they are deployed, whether it is Iraq, Afghanistan, or elsewhere, Rose told his audience.
“You are playing a fundamental role in keeping the culture of these nations alive, and therefore a fundamental role in keeping the nations alive,” the archaeologist said.
Moreover, looted antiquities, along with drugs and guns, are sometimes sold to finance insurgencies, he said. So anything the troops can do to discourage such activity – such as choosing not to buy purported artifacts, as Straka did, or reporting suspicious activity to a commanding officer – is helpful.
At Fort Dix, Rose was accompanied by two other volunteer speakers: Barbara Roberts, a Washington-based art conservator who served on a U.N. mission to survey war damage in Croatia, and Corine Wegener, an associate curator at the Minneapolis Institute of the Arts.
Rose, a slender, bespectacled academic in a brown sportcoat, seemed right at home addressing a crowd that consisted mainly of burly, fatigues-wearing men with close-cropped hair.
Wegener was at home, too, as she used to be in the Army Reserve.
She told the troops how, when stationed in Baghdad in 2003, she was part of an effort to recover the famous 5,000-year-old Head of Warka, a precious mask that was among the items stolen from the Iraq National Museum. A civil affairs officer herself, Wegener helped circulate a description of the mask among U.S. military. Acting on a tip, U.S. military police eventually identified a man who had buried it in his backyard.
“These guys were heroes, absolute heroes,” Wegener said.
Roberts, the conservator, gave the troops tips about how to handle artifacts (don’t do it, unless asked, and then only with planning and great care). And she stressed that none of the advice from her and her fellow scholars should be interpreted as taking precedence over the soldiers’ efforts to ensure their own security.
During a question period, Straka, the former guardsman, asked if there were any way for a layperson to tell which items were genuine and which were fakes.
Most are probably the latter, he learned, but it’s better to steer clear, as identifying the real thing requires deep expertise.
“If there’s any doubt in your mind,” Rose told the troops, “you don’t want to have anything to do with it.”
Another soldier asked for the profile of a looter.
At the lowest level, Rose said, it could be a poor farmer digging for ancient objects in his backyard, trying to make extra cash in a ravaged economy. He might try to sell such things to middlemen, some of whom could have ties to insurgents or organized crime, Rose said.
The next day, the troops visited the museum at Penn. Among other things, they saw ceramics, tablets, and a sarcophagus from what is now Iraq.
Lt. Col. Carl Mahnken said that he had heard previous presentations like the one at Fort Dix but that the added trip to the museum really brought the message home. Most of the objects in its collection were scientifically excavated by archaeologists.
“This tells me something about history because it was found in its context,” the Kansas native said of such artifacts.
When objects are looted, on the other hand, there is no record of how and where they were found, depriving society of the chance to learn more about the ancient peoples who made them, the troops learned.
In the museum’s storage area, several of the troops seemed particularly interested in one object: the smashed skull of a Mesopotamian soldier who was buried with his helmet on. Lead conservator Lynn Grant fielded questions about the victim and the material used to make his helmet (a copper alloy).
Rose tailors his briefings depending on where a group of soldiers is going. He recounts the exploits of past military leaders in the area, such as Darius of Persia and Alexander the Great. (Trivia question: What city in Afghanistan bears Alexander’s name? Answer: Kandahar, which comes from Iskender, the Arabic version of Alexander.)
Rose said that response to past presentations had been very good and that soldiers had stayed in touch with some of the lecturers even after deployment, e-mailing questions from overseas. He, Wegener, and Roberts said they planned to keep giving their talks as long as needed.
And if any of the troops were looking for a post-military career, Rose told them there was a way that they could learn to appreciate antiquities even more:
“Come to Penn and study with me for eight years, and then you can do it.”
http://www.philly.com/inquirer/health_science/daily/20101126_Troops_headed_to_Iraq_get_lessons_in_ancient_artifacts_Iraq-bound_troops_get_lesson_in_ancient_artifacts.html?viewAll=y
Troops headed to Iraq get lessons in ancient artifacts
By Tom Avril
Inquirer Staff Writer

November 27th, 2010

Posted In: Mailing list reports

De Poolse openbaar aanklager Arthur Wrona heeft eerder bekendgemaakt dat een Zweedse burger het ‘Arbeit macht frei’-bord van Auschwitz heeft besteld en laten stelen. Voor de roof bezocht hij samen met twee Polen het voormalige concentratiekamp. Hij heeft de mannen daar laten weten dat ze het bord moesten stelen.

De politie in Polen heeft het ijzeren bord ‘Arbeit macht frei’ uit het voormalige naziconcentratiekamp Auschwitz in drie stukken teruggevonden.
Polen loofde een beloning uit van 115.000 zloty (ruim 27.000 euro) voor de tip die tot de vondst zou leiden. De beloning was uitgeloofd door het Auschwitz-museum, de politie en mensen die anoniem willen blijven.
Een Zweedse neonazileider gaat 32 maanden de cel in, omdat hij het bord bij de ingang van het concentratiekamp Auschwitz in Polen had laten stelen. De man is dat overeengekomen met aanklagers, meldde het Openbaar Ministerie in de Poolse stad Krakau donderdag.’Miljonair achter diefstal AuschwitzbordAuschwitzdief uitgeleverd aan PolenPolen stuurt drie Auschwitzdieven de cel inUitlevering neonazi om Auschwitz-diefstalDe man riskeerde tien jaar cel als hij in Polen zou zijn veroordeeld. ,,Door het akkoord heeft hij twee jaar en acht maanden celstraf in Zweden geaccepteerd”, aldus de Poolse aanklager.De Zweed was in februari opgepakt op Pools verzoek. Hij werd ervan verdacht het beruchte bord ‘Arbeit macht frei’ te hebben laten stelen. Vijf Poolse mannen werden opgepakt voor de feitelijke diefstal van het 5 meter lange bord. Drie van hen zijn veroordeeld tot 2,5 jaar cel. Twee anderen moeten nog voorkomen. Het bord werd teruggevonden.In de gaskamers van Auschwitz zijn een miljoen Joden omgekomen in de nazitijd.
http://www.depers.nl/buitenland/527030/Cel-na-diefstal-Auschwitzbord.html

November 26th, 2010

Posted In: Uncategorized

Pat Leiggi is the first person at MSU, the first Montanan and the 22nd paleontologist to receive the Gregory Award for outstanding service to the field of paleontology. Behind him is a life restoration of a full adult Triceratops.(MSU photo by Kelly Gorham).

BOZEMAN — A Montana State University paleontologist who worked more than 17 years on national legislation to protect dinosaur bones and other vertebrate fossils on federal land has received an international award for outstanding service to the field of paleontology.

Pat Leiggi, administrative director of paleontology and director of exhibits at MSU’s Museum of the Rockies, is the first person at MSU, the first Montanan and the 22nd paleontologist to receive the Gregory Award from the Society of Vertebrate Paleontology.

“The Gregory Award is one of the two highest honors in our paleontology society, so it’s a very big deal, and one that is very well deserved,” said MSU paleontologist Jack Horner, a long-time colleague of Leiggi’s since working together at the Princeton University Museum of Natural History.

“Pat has worked extremely hard for this legislation, and we are very honored to have someone from here in Montana receive this award,” Horner continued. “Basically the legislation makes it easier for federal agencies to protect our fossil sites, and makes for fines that hopefully will deter potential thieves.”

Leiggi, along with Ted J. Vlamis of Wichita, Kan., received the Gregory Award this fall during the 70th annual meeting of the SVP. Leiggi and Vlamis spearheaded the effort that resulted in the Paleontological Resources Preservation Act, which was signed by President Obama in March 2009.

“I was obviously thrilled. I was just kind of tired because it took 17 ½ years to get it passed,” Leiggi said.

Leiggi’s journey to preserve fossils on federal land began with the 1991 discovery of “Big Al” near Shell, Wyo., Leiggi said. Big Al — the most complete Allosauarus found up to that point — was discovered by a Swiss team of commercial fossil collectors that had wandered onto public land. A joint team from the Museum of the Rockies and the University of Wyoming Geological Museum excavated Big Al from Bureau of Land Management property. The dinosaur is now reposited and displayed at the Museum of the Rockies, and casts are also displayed at other museums around the country. The Big Al experience, however, raised questions about why there wasn’t stronger legislation to keep such a fossil in the public domain, Leiggi said.

The law at that time didn’t refer to vertebrate fossils as scientific resources. They were commonly known as government property, Leiggi said. Therefore, if private collectors removed dinosaur fossils from public land, the law could only charge them with theft of government property. The penalty for stealing government property was far less than the penalty for stealing scientific resources.

“We were concerned about that,” Leiggi said.

He was also concerned about private collectors removing fossils from the public domain by selling them on eBay and other outlets, Leiggi said. If that happens, fossils “do not benefit society. They do not benefit education. They do not benefit the public at large.”

Vlamis’ involvement was invaluable because he is an expert in the legislative process and knowing how to work with Congress and federal agencies, Leiggi said. He was a member of Sen. Bob Dole’s campaign election staff and Congressional staff in addition to being an amateur paleontologist whose family owns the world’s largest toy balloon company. Either Vlamis or Leiggi chaired the SVP’s Government Affairs Committee from 1991 until this year.

The two originally thought it would take two to three years to pass the fossil legislation, but it took much longer because of changes in administration, staff turnover and the struggle to educate people about the issue, Leiggi said.

“It’s not national healthcare or the economy or a lot of things that are on people’s minds,” Leiggi said. “You’ve got to get it on their radar and get them interested.”

He and Vlamis emphasized the need to preserve fossils for future generations, Leiggi said. They explained that fossils are a proven window to science for children. Even if children don’t pursue paleontology as a career, they become interested in science because of their exposure to fossils and dinosaurs.

Leiggi said many people, organizations and agencies were involved in writing the legislation and moving it through Congress. In the end, the legislation was introduced by U.S. Sen. Daniel K. Akaka of Hawaii in the Senate and Congressman Jim McGovern of Massachusetts in the U.S. House. Leiggi said that U.S. Sen. Max Baucus of Montana was involved early on and was always supportive. But after Baucus left the U.S. Senate Committee on Energy and Natural Resources, his staff recommended that Leiggi and Vlamis work with Akaka.

Now that the Paleontological Resources Preservation Act is official, Leiggi said that he and Vlamis are still working with the U.S. Department of the Interior to establish the regulations that will spell out how the preservation act will be carried out and enforced. He expects the work to be completed by the spring of 2011.

Besides setting up guidelines for collecting and curating fossils from federal land, the legislation outlines prohibited acts and penalties. It establishes a program to increase public awareness about the significance of paleontological resources.

The Society of Vertebrate Paleontology has more than 2,300 members around the world. They include paleontologists, students, artists, preparators and others interested in vertebrate paleontology.

Evelyn Boswell, (406) 994-5135 or evelynb@montana.edu

http://www.montana.edu/cpa/news/nwview.php?article=9169
November 24, 2010 — By Evelyn Boswell, MSU News Service

November 26th, 2010

Posted In: Mailing list reports

Von jenen beiden Dieben, die in Niederösterreich Antiquitäten im Wert von mehreren Millionen Euro gestohlen und in Kärnten verkauft haben, fehlt weiter jede Spur. Die Polizei vermutet, dass sich das Ehepaar ins Ausland abgesetzt hat.
Möbel, Teppiche, Gemälde und k.k. Modellschiffe gestohlen.
Einbruch in Habsburg-Jagdhaus
Die beiden Diebe, ein 39-jähriger Klagenfurter und seine 42 Jahre alte Ehefrau aus Niederösterreich, haben zumindest zweimal in das Jagdhaus von Karl Habsburg in Türnitz in Niederösterreich eingebrochen und stahlen dort Antiquitäten und andere Gegenstände im Wert von mehreren Millionen Euro.

Gestohlen wurden unter anderem Biedermeier-Möbel, Seidenteppiche, Gemälde, Geschirr und eine komplette Sammlung von Modellschiffen der k.k. Marine, die einen Versicherungswert von 2,5 Millionen Euro hat. Geschäftsanbahnung auf Flohmärkten
Auf die Schliche gekommen ist die Polizei den Dieben in Kärnten, denn hier haben sie das Diebesgut weiterverkauft. Ein Hinweis aus der Szene hat laut Polizei den Stein ins Rollen gebracht.

Das Diebespärchen sei immer nach dem gleichen Muster vorgegangen. Auf Flohmärkten in Klagenfurt und Umgebung seien die Geschäfte angebahnt worden, die Übergabe der Ware habe dann in den Hinterzimmern von Verkaufslokalen, aber auch auf öffentlichen Plätzen und Parkplätzen in Kärnten und der Steiermark stattgefunden. Diebe könnten bereits im Ausland sein
Die Diebe sind laut Polizei amtsbekannt, sie haben bereits mehrfach Diebstähle und Suchtgiftdelikte begangen. Sie sind nach wie vor auf der Flucht. Es wird vermutet, dass sie sich ins benachbarte Ausland abgesetzt haben.

http://kaernten.orf.at/stories/483539/

November 26th, 2010

Posted In: looting and illegal art traffickers

Die Polizeibeamten bitten um Hinweise aus der Bevölkerung zum Verbleib des Diebesgutes.
Münzen-Diebe haben sich auf Burg Ranis auf dreiste Art und Weise aus dem Museums-Fundus bedient. “Ende Oktober entwendeten bislang unbekannte Täter 23 Silbermünzen”, teilte die Saalfelder Polizeisprecherin Heidi Kröller, mit. Den Wert des Beute-Gutes bezifferte die Polizeikommissarin auf 1555 Euro.
Ranis. “Vom materiellen Wert her ist der Schaden nicht so hoch”, sagte Heidi Kröller. “Für ein Museum ist es aber gravierend, wenn derartige Stücke gestohlen werden.” Die 23 Groschen waren im Jahr 1954 entdeckt und in dem vor allem mit Exponaten aus der Region bestückten Museum von Burg Ranis zur Verfügung gestellt worden. Dort wurde nach Angaben von Heidi Kröller ein Teil des Fundes in die Ausstellung integriert.
Aufgrund der Prägedaten ist ersichtlich, dass die Silber-Münzen im 17. Jahrhundert, offenbar im Verlauf des 30-jährigen Krieges, zusammengetragen und am Fundort Posen im Saale-Orla-Kreis versteckt worden waren. Anhand der Prägung haben Experten festgestellt, dass zehn Groschen aus Kursachsen, sechs aus Erfurt, zwei aus Sachsen, zwei aus Sachsen-Weimar, einer aus Sachsen-Altenburg, einer aus Böhmen und einer aus dem Bistum Hildesheim stammen. Die Silber-Münzen waren in der Zeit zwischen 1622 und 1642 hergestellt worden.
“Nach den derzeitigen Erkenntnissen wurden die Münzen am 23. Oktober entwendet”, sagte Polizeikommissarin Kröller. “Mit großer Wahrscheinlichkeit wurden die Geldstücke während der Öffnungszeiten gestohlen.” Museumsmitarbeiter hatten den Diebstahl am 24. Oktober gegen 10 Uhr bemerkt. Gegenwärtig ist ein Mitarbeiter der Kriminalpolizei mit dem Diebstahl befasst. Die Beamten der Polizeidirektion Saalfeld hoffen jetzt auf Hinweise aus der Bevölkerung.
Wer Angaben über den Verbleib der Silber-Münzen machen kann oder wem sie angeboten worden sind, kann sich mit den Mitarbeitern der Kriminalpolizeiinspektion Saalfeld unter Tel.: 03672/ 4 17 14 25 in Verbindung setzen. Die Geldstücke könnten Numismatikern, Antiquitätenhändlern, Altmetallhändlern oder auf Trödelmärkten angeboten worden sein.
Ulf Rathgeber / 23.11.10 / OTZ

November 25th, 2010

Posted In: Museum thefts

Austria’s Leopold Museum should return seven Nazi-looted paintings by Egon Schiele and Anton Romako to their rightful owners, said an art commission set up by the country’s Ministry of Culture.

Five Schiele paintings and two Romako works should be returned, the ministry said yesterday on its website. The paintings had belonged to Maurice Eisler and Karl Maylaender, both Jews persecuted by Nazis, according to the commission. The decision is non-binding.

The Leopold Museum, which paid $19 million earlier this year to settle a Schiele restitution case, has said it wants to complete research into the provenance of its entire art works by the end of the year. Diethard Leopold, the chair of the museum’s foundation, estimates that up to 50 works may be affected.

Leopold Museum spokesman Klaus Pokorny didn’t immediately return a telephone call and e-mail message seeking comment.

To contact the editor responsible for this story: Jonathan Tirone at jtirone@bloomberg.net

To contact the editor responsible for this story: James Hertling at jhertling@bloomberg.net; Mark Beech at mbeech@bloomberg.net.

http://www.bloomberg.com/news/2010-11-24/nazi-looted-art-should-be-returned-by-museum-austrian-commission-rules.html
By Jonathan Tirone – Nov 24, 2010 5:06 AM ET Wed Nov 24 10:06:29 GMT 2010

November 25th, 2010

Posted In: WWII

This content is password protected. To view it please enter your password below:

November 24th, 2010

Posted In: art fraud, fakes and forgeries

As Peru counts down to the 100th anniversary of the discovery of Machu Picchu by the American explorer Hiram Bingham, thousands of artefacts taken from the breathtaking lost city of the Incas could soon be returned to the country.
The relics, some 40,000 of them, according to the Peruvian government, include pottery, jewellery and human bones. They have been in the collection at Bingham’s alma mater, Yale University, since he first hacked his way through the Andean jungle to the site in 1911, and have become the subject of a bitter international dispute and a ferocious academic debate about how and where to display archaeological treasures. Alan Garcia, Peru’s President, announced that the artefacts would begin to be returned to the country next year, following an agreement with Yale during talks last week.

The university said that important details were still being worked out that could derail a final deal, but welcomed “positive developments”. It said: “It has always been Yale’s desire to reach an agreement that honours Peru’s rich history and cultural heritage and recognises the world’s interest in ongoing public and scholarly access to that heritage.”

The university has “a duty to academic and cultural institutions everywhere to recognise their important contributions to the study and understanding of all the world’s cultures”, it has said throughout the dispute.

Peru says the artefacts were only ever loaned to Yale, and that an earlier deal to repatriate the objects fell apart two years ago. That plan had included funds for a travelling exhibition of the objects, and a study centre in the Peruvian city of Cuzco.

Yale says it returned scores ofboxes of artefacts in 1921, and that Peru knew that the university would keep other pieces.

A lawsuit is working its way through the American courts, and earlier this month Mr Garcia appealed for the intervention of US President Barack Obama so that a resolution could be found ahead of the 100th anniversary of Bingham’s excavations.

Barely a month ago, Peru was threatening to launch criminal proceedings against Yale and its president. After last week’s meeting, Mr Garcia opted for magnanimity, recognising the university’s role in preserving the artefacts for the best part of a century.

In a statement announcing the outline agreement, he said: “The Peruvian government is grateful for this decision, and recognises that Yale University conserved these parts and pieces that otherwise would have been dispersed in private collections throughout the world, and perhaps would have disappeared.”

Machu Picchu had been abandoned for centuries before Bingham’s discovery. The ferocious Incas had spread across South America from what is now Peru, using warfare and diplomacy to build an empire that stretched from Colombia to Argentina, but they were no match for the firepower – and the imported diseases – of Spanish invaders who arrived in 1532.

The US Senator Chris Dodd, who as a member of the chamber’s foreign relations committee has been working to encourage an agreement between Yale

and Peru, welcomed the weekend’s progress. “I applaud Yale’s decision to return the Machu Picchu artefacts to their rightful owners,” he said. “These artifacts do not belong to any government, to any institution, or to any university – they belong to the people of Peru. Now future generations of Peruvians and visitors to that country will have access to this rich history.”

http://www.independent.co.uk/news/world/americas/yale-set-to-return-4000-inca-treasures-to-peru-2140316.html

By Stephen Foley in New York
Monday, 22 November 2010

November 24th, 2010

Posted In: looting and illegal art traffickers

No injuries or damage reported with fire at Science Museum Oklahoma building
OKLAHOMA CITY (AP) — Oklahoma City firefighters are trying to determine what caused a blaze at the Science Museum Oklahoma.

Crews received a call reporting the blaze about 11:40 a.m. Saturday. Officials say firefighters found roofing material that was next the building on fire.

Officials evacuated several hundred people from the building. No one was injured.

A hazardous materials unit was called to the scene because of some nearby propane tanks. A pop off valve on one of the propane tanks blew, and flames could be seen shooting up several feet.

But firefighters were able to put out the fire with no apparent damage to the museum.

http://www.kfsm.com/news/sns-ap-ok–sciencemuseumoklahoma-fire,0,2547175.story
By Associated Press

November 21st, 2010

Posted In: Fire in cultural institutions

The Church of Cyprus has increased its efforts to search and repatriate stolen icons from the Mediterranean island with international observers  describing the campaign as something resembling an “Indiana Jones” pursuit.

The Church of Cyprus has escalated its efforts across Europe to repatriate stolen byzantine artefacts from the northern third of the island which has  been illegally occupied by the Turkish army since invasion of July 1974.  It has long been the case that the Turkish troops and settlers have been selling important icons or religious artefacts to the open market, prompting the Church of Cyprus to start a  campaign to find and repatriate them. This strategic goal among others has been undertaken by the Representation of the Church of Cyprus to the European Institutions, based in Brussels.

Head of the campaign for the repatriation of the stolen artefacts is His Grace, Bishop Porfyrios of Neapolis, a Theologian and Archaeologist who graduated from the Universities of Athens and Thessaloniki.

During a meeting in Brussels Bishop Porfyrios of Neapolis said to the London Daily News:

“We ask from those who have in their possession ancient, important religious artefacts from the occupied Cyprus, and probably misled by dealers to buy them, to respect our religious heritage and offer them back to their legitimate owner, the Church of Cyprus”.

With a team based in the centre of Brussels, Bishop Porfyrios is constantly travelling across the European Union to “hunt down” as he puts it, individuals who are profiting from selling stolen artefacts from Cyprus.  In a recent case in Germany six Byzantine icons which dated back to the 18th and 19th century were returned to the Church of Cyprus. The six icons were in the possession of a family in Munich of Germany, which according to sources had been “concerned how the icons ended up in  Germany”. The family contacted the Embassy of Cyprus in Berlin and asked for an investigation of the case. The Church of Cyprus armed with experts verified the Cypriot origin of the icons.  The icons were works of the School of Hagiography of the Monastery of Saint Heraklidios which flourished in Cyprus between the 18th and 19th century.

The six icons are:

1.      Large icon of Saint John the Theologian (1762), a donation of the Metropolitan
of Paphos Saint Panaretos, for a temple of a Church in the occupied Cyprus.
2.      Small icon of Saint John the Theologian (18th century) from the iconostasis of
the Monastery Panagia of Tohniou.
3.      Small icon of Saint Heraklidios (18th century).
4.      Small icon of Saints Anargyroi, Kosmas and Damianos (1810).
5.      Small icon of Palm Sunday (18th century).
6.      Small icon of the Baptism of Christ (1792).

The London Daily News contacted several leading auction houses in London with one representative stating that “we are aware that many icons linked to Cyprus are stolen items” as a result of the illegal Turkish invasion in 1974 and therefore are sold under “extreme caution” because many of these are also claimed by the authorities of Cyprus.
http://www.thelondondailynews.com/indiana-jones-search-stolen-cypriot-icons-across-europe-p-4813.html
International News Desk

November 20th, 2010

Posted In: looting and illegal art traffickers

The Church of Cyprus has increased its efforts to search and repatriate stolen icons from the Mediterranean island with international observers  describing the campaign as something resembling an “Indiana Jones” pursuit.

The Church of Cyprus has escalated its efforts across Europe to repatriate stolen byzantine artefacts from the northern third of the island which has  been illegally occupied by the Turkish army since invasion of July 1974.  It has long been the case that the Turkish troops and settlers have been selling important icons or religious artefacts to the open market, prompting the Church of Cyprus to start a  campaign to find and repatriate them. This strategic goal among others has been undertaken by the Representation of the Church of Cyprus to the European Institutions, based in Brussels.

Head of the campaign for the repatriation of the stolen artefacts is His Grace, Bishop Porfyrios of Neapolis, a Theologian and Archaeologist who graduated from the Universities of Athens and Thessaloniki.

During a meeting in Brussels Bishop Porfyrios of Neapolis said to the London Daily News:

“We ask from those who have in their possession ancient, important religious artefacts from the occupied Cyprus, and probably misled by dealers to buy them, to respect our religious heritage and offer them back to their legitimate owner, the Church of Cyprus”.

With a team based in the centre of Brussels, Bishop Porfyrios is constantly travelling across the European Union to “hunt down” as he puts it, individuals who are profiting from selling stolen artefacts from Cyprus.  In a recent case in Germany six Byzantine icons which dated back to the 18th and 19th century were returned to the Church of Cyprus. The six icons were in the possession of a family in Munich of Germany, which according to sources had been “concerned how the icons ended up in  Germany”. The family contacted the Embassy of Cyprus in Berlin and asked for an investigation of the case. The Church of Cyprus armed with experts verified the Cypriot origin of the icons.  The icons were works of the School of Hagiography of the Monastery of Saint Heraklidios which flourished in Cyprus between the 18th and 19th century.

The six icons are:

1.      Large icon of Saint John the Theologian (1762), a donation of the Metropolitan
of Paphos Saint Panaretos, for a temple of a Church in the occupied Cyprus.
2.      Small icon of Saint John the Theologian (18th century) from the iconostasis of
the Monastery Panagia of Tohniou.
3.      Small icon of Saint Heraklidios (18th century).
4.      Small icon of Saints Anargyroi, Kosmas and Damianos (1810).
5.      Small icon of Palm Sunday (18th century).
6.      Small icon of the Baptism of Christ (1792).

The London Daily News contacted several leading auction houses in London with one representative stating that “we are aware that many icons linked to Cyprus are stolen items” as a result of the illegal Turkish invasion in 1974 and therefore are sold under “extreme caution” because many of these are also claimed by the authorities of Cyprus.
http://www.thelondondailynews.com/indiana-jones-search-stolen-cypriot-icons-across-europe-p-4813.html
International News Desk

November 20th, 2010

Posted In: looting and illegal art traffickers

Een 39-jarige Tilburger is opgepakt in verband met de inbraak in het Tilburgs museum voor muziekinstrumenten Muzima. Er werden dinsdagnacht zo’n zestig koperen blaasinstrumenten gestolen.Een metaalverwerkingsbedrijf seinde de politie in toen iemand een partij restanten van instrumenten te koop aanbood. Onderzoek leidde naar een ijzerhandel waar zo’n tien in stukken gezaagde instrumenten werden gevonden. De verdachte was op dat moment niet thuis maar meldde zich later op het bureau. Hij zegt de instrumenten langs de weg gevonden te hebben, de politie denkt dat hij ze gestolen heeft.

http://www.omroepbrabant.nl/?news/146044712/Tilburger+opgepakt+voor+diefstal+Muzima.aspx

November 20th, 2010

Posted In: diefstal uit museum

ROME — The return from the United States of a precious Roman artefact stolen from an Italy museum is thanks to an Italian policeman who strolled through New York on holiday this year, officials said on Friday.

Walking down Madison Avenue, the officer from Italy’s cultural heritage police noticed the marble torso on sale for 350,000 dollars (256,000 euros) in a gallery’s display, they said.

The policeman took a picture on his mobile phone and asked the gallery owner about its origin.

The owner’s reticence made him suspicious and he looked up the statue among stolen artefacts on his return to Italy, finding it had been robbed in 1988 from the archaeological museum in the town of Terracina south of Rome.

Alerted by Italian police, US customs officials seized the work and returned it to Italian authorities on Friday, along with a small bronze statue representing Zeus or Poseidon and valued at 500,000 euros.

The bronze statue, which was stolen from the National Roman Museum in 1980, was sold by Sotheby’s auction house in New York in 2006 and later put on display at an exhibition in Cleveland in the US state of Ohio.

Its owner, an American woman, has agreed to return it to Italy.

“It was all on a voluntary basis,” said Mona Forman from US Immigration and Customs Enforcement (ICE) in New York, who travelled to Rome for the handover.

Italy has some of the greatest art treasures in the world and cases of looting and art theft are frequent, with many objects sold off abroad.

A list of the top 10 most wanted artefacts on the website of the Carabinieri paramilitary police is topped by Caravaggio’s 17th century “Nativity”.

http://www.google.com/hostednews/afp/article/ALeqM5hZSkTvjw9a5F_5KoclZFonuXYiwA?docId=CNG.f193bfe068a4a5724570104b03f20f98.1a1

November 19th, 2010

Posted In: Mailing list reports

The sale of the so-called Crosby Garrett helmet for £2.2 million ($3.6 million) has started to raise some uncomfortable questions. It is now clear if the helmet was found by “a young guy” (Georgiana Aitken of Christie’s) or “an unnamed father and son” from Peterlee County Durham (The Independent). Dr Roger Bland of the Portable Antiquities Scheme (PAS) has talked about “the real gap” in The Treasure Act (1996). (Indeed the real issue is the term used for the act.)

A month ago Lord Renfrew of Kaimsthorn called a review of The Treasure Act in a letter to The Times (London).

On October 20, 2010 Lord Renfrew tabled a written question:
To Ask Her Majesty’s Government whether they will review the definition of “treasure” so that major heritage discoveries, such as the Roman parade helmet found at Crosby Garrett and recently sold by public auction, should fall within the scope of the Treasure Act.[HL2515]

Baroness Rawlings (the President of the British Antique Dealers’ Association [BADA]) presented a written reply:
The Department for Culture, Media and Sport plans to review the Treasure Act Code of Practice and this will include the definition of Treasure contained in the Treasure Act 1996. This review will take the form of a public consultation and so will provide the opportunity to consider whether it would be appropriate to extend the definition of treasure to include items such as the Roman parade helmet found at Crosby Garrett.

Lord Renfrew has now returned to the theme in the House of Lords by asking the question (November 11, 2010):
To ask Her Majesty’s Government whether they will review the definition of “treasure” in the Treasure Act 1996 in the light of the sale at auction of the Roman parade helmet recently found in Cumbria for £2 million.

Baroness Rawlings reminded Lord Renfrew of her written reply. In response Lord Renfrew noted:
It is strange that a national treasure can be sold at public auction by an anonymous vendor to an anonymous buyer.
But he then added a question that must cause concern for those dealing in antiquities within the United Kingdom:
will the Government consider reviewing the law on antiquities at sale by auction in favour of some transparency?
Transparency would mean auction houses and galleries providing full details of collecting histories and vendors.

Lord Redesdale returned to the issue of the Crosby Garrett helmet:
My Lords, are moves afoot to look at the practices of the auction houses, given that this helmet was found in many pieces and an enormous amount of archaeological information was lost when conservators put the pieces back together without consulting archaeologists? Is that a practice that auction houses should undertake, given that loss of information on a very rare artefact? Are the Government looking at sales of antiquities through internet sites such as eBay? That is becoming a real source of worry, as much of our heritage is disappearing abroad without any record whatever.
The restorer’s report on the helmet is indeed enlightening and I am very grateful to Georgiana Aitken of Christie’s for sending me a copy. There is indeed real concern that such an unusual object – could we use the term ‘national treasure’? – was not put in the hands of an archaeological conservator.

But Lord Redesdale also raises the issue about eBay. He appears to be suggesting that archaeological material from the United Kingdom is slipping abroad. Are these just chance finds? Or are there those who make a deliberate search for archaeological material? And are all these items recorded by the Portable Antiquities Scheme? How much material goes unrecorded?

Baroness Rawlings responded by talking about ‘provenance’ (or more accuratley ‘collecting histories’):
It is in the interests of both auctioneers and dealers to check that the provenance of items is acceptable to reduce any risk of prosecution for handling stolen goods or dealing in tainted or mended goods.
This brings us back to Lord Renfrew’s point for the need of greater transparnechy in the market and the full disclousre of documented collecting histories when archaeological material is offered for sale on the market.

The sale of the Crosby Garrett helmet may well be seen as a turning-point in the debate over the market in archaeological material.

http://lootingmatters.blogspot.com/2010/11/lord-renfrew-calls-for-transparency.html

November 19th, 2010

Posted In: looting and illegal art traffickers

Skilled counterfeiter does not ask for payment for ‘masterful’ versions of works by Picasso, Signac and Daumier The fake copy of a watercolour boating scene by Paul Signac that was offered to the Memphis Brooks Museum of Art. Museum curators are warning of a mysterious man posing as a Jesuit priest who is suspected of duping American institutions with brilliantly forged artworks over the past 20 years.

A picture is emerging of one of the most bizarre cases of deception in art history. Unlike other forgers, the “priest” does not ask for payment of any kind for his Picassos, Signacs and Daumiers which have been described as “masterful”. It seems the alleged fraudster simply enjoys fooling museum experts who have not only accepted his fakes as cherished gifts but invited him to “special donor events” in the belief that he has more to give.

Research by senior museum figures suggests he has targeted more than 30 museums so far and institutions across the United States are now being warned to look out for him. Whether he has visited British museums bearing gifts is unclear.

As the priest, he explains that he wants to give a work of art in memory of his late mother who came from wherever the museum is located. He tells them that, as a minister, he cannot keep it for himself.

He is also suspected of acting under two other aliases. Sometimes his story involves a donation in memory of his late father, whom he describes as having been a high-ranking military officer. Ceremoniously handing over his work to the grateful institution, he hints at other possible donations before making his exit.

A dossier on the forger has been produced by Matthew Leininger, director of museum services at the Cincinnati Art Museum. The unpublished report, seen by the Guardian, notes: “[The forger] pays his own air fare and hotels when travelling, but gets wined and dined by the institutions because he has told everyone that he has many more works in his collection and promises more work plus money. He also claims to have bad health and heart problems … ‘I’ll be back in touch for further gifts after I recover from heart surgery’. He is treated as royalty because people have believed they are getting great works and money.” Mr Leininger is now alerting the museum world to the deception.

One theory is that, like many forgers, this one is embittered by his struggles to find recognition under his own name. His fakes are described as so perfect that most cannot be detected without high magnification. In addition, their “authenticity” is boosted by fake documents, including auction house catalogue entries.

Leininger believes the “donations” go back to at least 1987. He first encountered the forger while working at the Oklahoma City Museum of Art, which was offered a watercolour boating scene by “Paul Signac”. According to the dossier, research eventually unmasked it as a fake, along with another “Signac” at the Memphis Brooks Museum of Art. A genuine Signac from which the latter forgery was copied is in the Hermitage in St Petersburg.

Most recently, the forger donated a work to the Hilliard University Art Museum at the University of Louisiana. When the museum’s director, Mark Tullos Jr, looked more closely at the painting, supposedly by the American impressionist Charles Courtney Curran, doubts were raised. Scrutiny under a black light revealed telltale signs of bleach found in most contemporary papers and linens.

Tullos is also circulating warnings: “We were contacted by a man posing as a Jesuit priest … we have reported him to the federal authorities.”

Asked how the forger had been able to continue operating for so long, Tullos said institutions that accepted the works into their collections were “a little bit embarrassed to disclose that this happened”.

Commenting on whether there were likely to be many forgeries on museum walls, he added: “There have got to be more out there.”

http://www.guardian.co.uk/artanddesign/2010/nov/16/jesuit-priest-forger-museums

November 18th, 2010

Posted In: art fraud, fakes and forgeries

This content is password protected. To view it please enter your password below:

November 18th, 2010

Posted In: diefstal beelden

Het beeld De Denker van Rodin is gerestaureerd. Het koperen beeld werd in 2007 gestolen uit het Singer in Laren en werd twee dagen later teruggevonden. Koperdieven hadden het beeld zwaar beschadigd. Het beeld gaat vandaag terug naar het museum, waar het vanaf 28 januari weer te zien is.

Aan de restauratie van het beeld hebben het Musée Rodin, de Universiteit van Amsterdam, het Instituut Collectie Nederland en het Rijksmuseum meegewerkt.
GipsmodelTussen het bewaarde werkmateriaal van Rodin vonden de restaurateurs het originele gipsmodel van de Larense Denker. Met behulp van dit gipsmodel en geavanceerde technologie kon De Denker optimaal worden gerestaureerd.
Koperen standbeelden zijn steeds vaker het doelwit van koperdieven. In onder andere Zwolle en Nijmegen zijn bronzen standbeelden uit voorzorg binnengehaald. De gemeente Eindhoven heeft een koperen beeld uitgerust met een gps-systeem, zodat het in geval van diefstal getraceerd kan worden.
Dna-sprayOok de spoorwegen hebben last van koperdieven. Spoorbeheerder ProRail spuit daarom een dna-spray op de koperen leidingen langs het spoor. Zo is het gemakkelijker om de leidingen te identificeren en kunnen de dieven worden opgespoord.
De spoorbeheerder heeft regelmatig te maken met koperdiefstal. Per maand slaan de dieven 15 tot 20 keer toe.
PrijsDe prijs van koper is de laatste jaren exponentieel gestegen, onder meer door de groeiende vraag uit landen als China en India.
Alleen al dit jaar zijn tientallen gevallen van koperdiefstal bekend geworden. In Heerenveen hebben koperdieven in september nog een grote hoeveelheid koper uit een transformatorhuisje gestolen. De Friese stad zat daardoor een tijd in het donker.
GravenIn maart werd in Leeuwarden een man aangehouden die van zeker honderd graven koper had gestolen. Het materiaal zat op hekwerken die graven sierden. Een week eerder werd in het Gelderse Lunteren een man geëlektrocuteerd toen hij een koperleiding doorknipte.
http://nos.nl/artikel/199078-beeld-de-denker-gerestaureerd.html

November 18th, 2010

Posted In: diefstal beelden

Voetbalclub Sparta eist een kostbaar schilderij op, waarvan nu is gebleken dat het een werk is van Johan Hendrik van Mastenbroek. De nieuwe eigenaar was met het doek naar Tussen Kunst en Kitsch gestapt, waar het tienduizenden euro’s waard bleek. Hij had het werk naar eigen zeggen meegenomen uit een afvalcontainer bij het stadion van Sparta.Volgens commercieel directeur Charles van der Steene van Sparta heeft de man het schilderij onrechtmatig verkregen. De club overweegt juridische stappen om het schilderij terug te krijgen. “Ik weet niet of dat na al die jaren nog kan, dus dat moeten we eerst laten uitzoeken. We vinden in elk geval dat het ons schilderij is.”De Rotterdamse voetbalclub is het doek jaren terug bij een verbouwing kwijtgeraakt. “Het lag opgeslagen in een container, maar dat was beslist geen vuilcontainer”, zegt Van der Steene. De club heeft altijd geweten dat het een waardevol doek van de hand van de Rotterdamse havenschilder was. ”We hebben het voordat het verdween ook al eens laten taxeren. De waarde ervan werd toen geloof ik op veertigduizend gulden geschat.”De huidige eigenaar haalde het schilderij naar eigen zeggen in 1984 tijdens een verbouwing bij het stadion van Sparta uit een vuilcontainer. Het werk uit het begin van de vorige eeuw had daar in de bestuurskamer gehangen. Na 26 jaar besloot hij het te laten taxeren. In de uitzending van woensdagavond is te zien wat het doek precies waard is.

http://www.trouw.nl/nieuws/nederland/article3301678.ece/Sparta___gevonden__schilderij_is_van_ons.html

November 17th, 2010

Posted In: Uncategorized

Voetbalclub Sparta eist een kostbaar schilderij op, waarvan nu is gebleken dat het een werk is van Johan Hendrik van Mastenbroek. De nieuwe eigenaar was met het doek naar Tussen Kunst en Kitsch gestapt, waar het tienduizenden euro’s waard bleek. Hij had het werk naar eigen zeggen meegenomen uit een afvalcontainer bij het stadion van Sparta.Volgens commercieel directeur Charles van der Steene van Sparta heeft de man het schilderij onrechtmatig verkregen. De club overweegt juridische stappen om het schilderij terug te krijgen. “Ik weet niet of dat na al die jaren nog kan, dus dat moeten we eerst laten uitzoeken. We vinden in elk geval dat het ons schilderij is.”De Rotterdamse voetbalclub is het doek jaren terug bij een verbouwing kwijtgeraakt. “Het lag opgeslagen in een container, maar dat was beslist geen vuilcontainer”, zegt Van der Steene. De club heeft altijd geweten dat het een waardevol doek van de hand van de Rotterdamse havenschilder was. ”We hebben het voordat het verdween ook al eens laten taxeren. De waarde ervan werd toen geloof ik op veertigduizend gulden geschat.”De huidige eigenaar haalde het schilderij naar eigen zeggen in 1984 tijdens een verbouwing bij het stadion van Sparta uit een vuilcontainer. Het werk uit het begin van de vorige eeuw had daar in de bestuurskamer gehangen. Na 26 jaar besloot hij het te laten taxeren. In de uitzending van woensdagavond is te zien wat het doek precies waard is.

http://www.trouw.nl/nieuws/nederland/article3301678.ece/Sparta___gevonden__schilderij_is_van_ons.html

November 17th, 2010

Posted In: Uncategorized

The Netherlands returned an oil painting by Jan Brueghel the Younger to the heirs of a Jewish art dealer persecuted by the Nazis and forced to flee Germany more than 70 years ago.
“Allegory of Life and Water” by Brueghel (1601-1678) shows two ladies reclining under a tree, the towers of a town visible in the distance. The work belonged to Max Stern, the owner of a Dusseldorf art gallery who was banned by the Nazis from exercising his profession in 1935, and until now it hung in the Noordbrabants Museum in Den Bosch.

“It is important to continue to contemplate the World War II period, pose questions from a current perspective and make restitution where possible,” Judith van Kranendonk, a Dutch Culture Ministry official, said in an e-mailed statement sent before a ceremony today in The Hague to return the painting.

The Nazis stole countless artworks from across Europe — at least 650,000, according to estimates. After the war, the Allies handed the looted works whose rightful owners could not be identified to the government of the presumed country of origin. In the Netherlands, the returned artworks — among them, the Brueghel painting — entered the National Art Collection.

The Netherlands was one of 44 countries that, in 1998, endorsed international principles on returning art stolen from the mainly Jewish collectors who were victims of Adolf Hitler’s regime. To implement the guidelines, the Dutch government founded a Restitutions Committee in 2002. The panel since has made recommendations on 93 claims for art in state hands.

Liquidated Gallery

Stern, the proprietor of the Dusseldorf Galerie Julius Stern, was banned from business and forced by the Nazis to liquidate his gallery and auction the contents — more than 200 paintings, many of them Old Masters — in a sale managed by the Cologne auction house Lempertz in 1937.

Though the Brueghel painting was in Stern’s possession in 1936, it wasn’t part of that sale. There is no documentation for its whereabouts until 1943, when it was purchased by the Kunsthalle Hamburg museum from an Amsterdam dealer.

Three years ago, the heirs filed a claim for the painting to the Dutch government. The Restitutions Committee recommended in May that the work should be returned. The panel said Stern may have sold it to help his mother escape Germany, or it may have been among the possessions he left when he fled, which were all later seized and sold by the Nazis.

Involuntary Loss

Stern’s predicament at the time of the loss was “so menacing and dangerous that, had he succeeded in selling the claimed painting during this period, it should be considered to have been under duress,” the Dutch panel said.

It reached the conclusion that “the loss of possession was involuntary, as a result of circumstances directly related to the Nazi regime,” and that the painting should be fully restituted to the heirs.

Max Stern’s estate is managed by three universities: Concordia and McGill in Montreal and the Hebrew University in Jerusalem. The art dealer fled Germany shortly after the forced sale at Lempertz and reached Paris in December 1937 with nothing but a suitcase.

He set up a new business, first in Britain and then later in Montreal. He died in 1987 without children, leaving the bulk of his estate to the universities.

Missing Paintings

In 2002, the universities began a campaign to recover the lost art, creating the Max Stern Art Restitution Project, administered by Concordia. The Brueghel painting is only the eighth of about 400 missing paintings to be returned. From next month, it will be loaned to the Montreal Museum of Fine Arts.

“Hundreds of Stern’s works were looted,” Judith Woodsworth, the president of Concordia, said in the statement. “It is our hope that the recovery of many of them — most notably, those currently hanging in other European museums — will follow.”

The Flemish painter Jan Brueghel the Younger devoted his career to continuing his father’s painting style, sometimes copying his works to meet demand for big, decorative landscapes. Born in Antwerp, he was part of a dynasty of painters which included his father, Jan Brueghel the Elder, and his grandfather, Pieter Brueghel the Elder.

The highest price paid for a painting by Jan Brueghel the Younger at auction is almost $3 million, according to the Artnet database.

By Catherine Hickley – Nov 17, 2010 8:15 AM ET Wed Nov 17 13:15:00 GMT 2010

http://www.bloomberg.com/news/2010-11-17/netherlands-restitutes-brueghel-oil-to-heirs-of-nazi-persecuted-art-dealer.html
To contact the writer on the story: Catherine Hickley in Berlin at chickley@bloomberg.net.

To contact the editor responsible for this story: Mark Beech at mbeech@bloomberg.net

November 17th, 2010

Posted In: WWII

This content is password protected. To view it please enter your password below:

November 17th, 2010

Posted In: diefstal beelden

Het carillon aan de voorgevel van het gemeentehuis in Twello speelt weer. Opgepoetst en glanzend als nieuw laten de 16 klokken om het half uur weer hun vertrouwde deuntje horen.Half juli werden elf van de zestien bronzen klokken gestolen door waarschijnlijk koperdieven. De gemeente liet de vijf overgebleven klokken verwijderen en elf nieuwe klokken maken. Maandag werd het herstelde carillon in zijn geheel weer aan de gevel bevestigd. Volgens wethouder Henk Bink is het carillon nu ‘diefstal-proof’ bevestigd. Al durft hij niet te garanderen dat diefstal onmogelijk is. ,,Daar ga ik wel vanuit, maar ik heb ook geleerd om nooit nooit te zeggen.” De diefstal van het carillon was voor de gemeente Voorst geen aanleiding om extra maatregelen te nemen om andere bronzen kunstwerken beter te verankeren. De wethouder hoopt wel dat burgers de ogen openhouden als het gaat om de bescherming van kunstwerken. ,,Eigenlijk zou het niet nodig moeten zijn want iedereen moet met zijn vingers van die dingen afblijven. Maar als iedereen goed oplet helptdat wel.”Het carillon was een geschenk van het Twellose bouwbedrijf Van den Belt dat begin jaren tachtig een nieuw gemeentehuis aan de H.W. Iordensweg bouwde. Het vervangen van de klokken heeft 15.000 euro gekost. De rekening wordt volgens Bink betaald door de verzekering.

http://www.destentor.nl/regio/deventer/7640639/Geroofde-carillon-Twello-speelt-weer.ece

November 17th, 2010

Posted In: Uncategorized

Uit het muziekinstrumentenmuseum Muzima in Tilburg zijn in de nacht van dinsdag op woensdag tachtig tot honderd koperen blaasinstrumenten gestolen, meldt Eveline Passier van het museum. De diefstal werd woensdagochtend rond 08.30 uur ontdekt en gemeld aan de politie door de curator van het museum aan de Lovense Kanaaldijk.De poort die toegang geeft tot de hal was geforceerd. Volgens de politie gaat het om waardevolle muziekinstrumenten en is het doodzonde als ze alleen voor het koper zijn gestolen. Het zijn allemaal antieke instrumenten. De totale waarde van de buit is onbekend. Wel staan alle instrumenten op foto vastgelegd, wat zou kunnen helpen bij de opsporing.De instrumenten zouden woensdagochtend worden ingepakt om richting de winteropslag te gaan. Passier is emotioneel, maar richt zich ook naar de gemeente Tilburg. “Wij zitten al drie jaar in dit pand dat in zeer slechte staat verkeert. Naast het feit dat onze collectie al kapot ging door de kou en vochtigheid waren we altijd al bang voor brand of inbraak. Wij kunnen alleen maar hopen dat de gemeente ziet dat wij hoognodig moeten verhuizen met onze collectie. Misschien dat er toch nog iets positiefs kan komen uit een negatieve gebeurtenis”, aldus Passier.

http://www.brabantsdagblad.nl/regios/tilburg/7642305/Muziekinstrumenten-uit-museum-gestolen.ece

Commentaar:

“Naast het feit dat onze collectie al kapot ging door de kou en vochtigheid waren we altijd al bang voor brand of inbraak.”…..
Altijd al bang voor inbraak? Was er een inbraakmeldinstallatie? Het lijkt er op van niet, want de inbraak werd niet gesignaleerd en pas de volgende ochtend ontdekt. Hopelijk worden de feiten gemeld bij DICE (http://www.kvce.nl) zodat alle musea kunnen leren van deze feiten (maar dan moet het KVCE wel komen met meer dan alleen statistische rapportages..)
Ton Cremers

November 17th, 2010

Posted In: diefstal uit museum

Italy fiddles while its treasures face collapse

The treasures are under threat because of official neglect and budget cuts, heritage experts say.

Archeologists and campaigners fighting to preserve sites that draw millions of tourists every year say they could suffer the same fate as the House of the Gladiators in the ancient city of Pompeii. It crumpled into rubble this month.

Among the most prized is the Golden House, which Nero built in AD64 after most of Rome was destroyed by fire while, legend has it, he played his fiddle. Its name derives from its decorative gold leaf. “The Golden House is in danger of collapse. It’s an enormous problem and would be a very serious loss,” said Alessandra Mottola Molfino, head of Our Italy, a heritage charity.

Experts say the building is vulnerable because rainwater leaks into it and many walls have almost disintegrated.

In March, a section of a gallery vault gave way after heavy rain. “The state spends virtually nothing on the daily, routine upkeep which is crucial to preserving monuments. There’s no money to pay for specialists to look after them,” said Mottola Molfino, an art historian.

Silvio Berlusconi’s centre-right government has slashed the Culture Ministry’s share of public spending from 0.23 per cent three years ago to 0.18 per cent, compared with 1 per cent in France. Yet Italy has 45 entries on Unesco’s list of world heritage sites, more than any other country — and eight more than France.

In Rome, three chunks of plaster broke off the Colosseum in the northern summer. The government plans a $34million restoration but has yet to find sponsors.

Other endangered landmarks include the Aurelian wall, the ruined emperors’ palaces on the Palatine Hill, and the twin medieval towers of Bologna.

The collapse of the House of the Gladiators prompted calls for the resignation of Culture Minister Sandro Bondi and for Unesco to send inspectors to Pompeii, which was buried in lava and ash by an eruption of Mount Vesuvius in AD79.

The Sunday Times:

http://www.theaustralian.com.au/news/world/italy-fiddles-while-its-treasures-face-collapse/story-e6frg6so-1225953433923

November 17th, 2010

Posted In: Mailing list reports

These are the faces of two people being sought by police after they apparently walked off with a first edition Harry Potter book worth £6,000 from an exhibition.

The couple allegedly distracted gallery staff before snatching the hardback copy of The Philosopher’s Stone from its glass display case.

The book’s devastated owner now believes the rare edition – one of just 400 to be printed before the adventures of the boy wizard became a publishing phenomenon – has already surfaced on the London book market.

The couple allegedly distracted gallery staff before snatching the hardback copy of The Philosopher’s Stone from its glass display case

The theft comes as the first instalment of Harry Potter And The Deathly Hallows, starring Daniel Radcliffe, Emma Watson and Rupert Grint, hits the big screen later this week.

The book, the first in the popular Harry Potter series that has netted author JK Rowling more than £500million, had been part of an exhibition of children’s illustrations at the Creative Art Gallery in Woodstock, Oxon.

It is owned by Oxford book dealer Adrian Greenwood who had loaned the restored copy, one of four first editions he owns, to the gallery for its Art You Grew Up With exhibition.

‘This one was worth £6,000 – it was a first edition that was library stock,’ said the book dealer.

‘It is very unusual and whoever stole it will have a terrible time selling it.

‘It is restored and we have photos of exactly where it has been restored so it is easy to identify.’

Harry Potter And The Philosopher’s Stone, the book that introduced the young wizard to legions of fans around the globe, tells of Harry’s quest to retrieve the powerful stone protected by a three-headed dog.

However, unlike the fictional stone, the rare tome was not guarded by a mythical beast and the thief swiped the book as his female accomplice kept look out.

It happened at 1.30pm on Saturday, October 30, at the gallery in Oxford Street, Woodstock, and police have released CCTV images of two people they want to speak to in connection with the incident.

Rare: The first edition copy of Harry Potter and the Philosopher’s Stone was one of just 400 originally printed

Mr Greenwood has a further three copies of the rare first edition, one of which is signed by the author and is up for sale with a £19,950 price tag.

He said book dealers and auction houses had been informed of the edition, printed in 1997 and he believed it had already been offered for sale.

‘A dealer in London had one offered to them by someone who left a fake phone number,’ he said.

Police constable Geoffrey Allen said: ‘I believe this was an opportunist crime and the offenders took advantage of the gallery assistant being occupied by a group of people.

‘The owner of the book is very keen for it to be recovered and we are appealing for anyone who recognises the two people in the CCTV images to call us.’

http://www.dailymail.co.uk/news/article-1329819/Rare-Harry-Potter-book-worth-6-000-stolen-art-gallery.html?ito=feeds-newsxml

Read more: http://www.dailymail.co.uk/news/article-1329819/Rare-Harry-Potter-book-worth-6-000-stolen-art-gallery.html#ixzz15NhRKEBp

November 17th, 2010

Posted In: books and manuscripts

A painting worth tens of thousands of Euros has been stolen from a Viennese hotel.

Managers of the city’s five-star Hotel Bristol said today (Mon) that the burglars cut the artwork by late Polish painter Wojciech Kossak out of its frame at the weekend.

The piece of art depicting a war battle was hanging in a hallway. It is worth around 30,000 Euros.

Police are investigating how the thieves managed to snatch the painting without the venue’s alarm system – with which it was secured – going off.

This incident occurred just weeks after priceless paintings by an iconic Austrian artist, Ernst Fuchs, resurfaced four months after being stolen.

“Architectura Caelestis – Monstranz” and “Der Gekreuzigte zwischen dem Versucher und dem Engel der Tröstung” by the 80 year old artist and spearhead of the Vienna School of Fantastic Realism were found mysteriously returned to the garden of a weekend lodge in the province of Burgenland owned by the head of the artist’s foundation.

The unharmed works – which were sealed in a plastic film and wrapped up in cardboard by the unidentified offenders – are worth around half a million Euros each.

http://austrianindependent.com/news/General_News/2010-11-15/5319/Kossak_masterpiece_nicked_from_five-star_hotel

November 17th, 2010

Posted In: Mailing list reports

This content is password protected. To view it please enter your password below:

November 17th, 2010

Posted In: Mailing list reports

Les trafiquants d’art ne perdent pas de temps. Alors que le Salon des Antiquaires, à Toulouse, venait d’ouvrir ses portes lors de la traditionnelle journée consacrée aux professionnels, le 4 novembre, l’un d’eux a été victime d’un vol conséquent portant sur une vingtaine de vases à pâte de verre. Des pièces de collection, style art nouveau,  signées des grands maîtres de l’école de Nancy, Majorelle et Daum, pour les plus connus. Montant du préjudice : environ 15 000€. Dans la nuit du 3 au 4 novembre, la voiture d’un exposant a été fracturée, face au parc des expositions. Deux caissettes de ces célèbres vases ont disparu. Les enquêteurs de la police judiciaire ont travaillé sur une piste qui s’est avérée concluante. Mercredi, un Toulousain de 44 ans, connu des services de police pour ses activités présumées de revendeur d’objets d’art, est interpellé à Dax, dans les Landes, dans un gîte de location. À l’intérieur, les enquêteurs de la PJ mettent la main sur le fameux lot de vases disparus mais aussi sur des statues, des bronzes et de nombreux objets de vaisselle. Malgré les dénégations du suspect qui indique avoir récupéré ces objets près d’un camion, l’homme est mis en examen pour vol et écroué jeudi soir. L’information judiciaire ouverte doit permettre d’identifier l’ensemble des victimes. Mis en cause dans des précédentes affaires de recel, le suspect aurait déjà écoulé de précieux objets d’art en Espagne et auprès des cercles de collectionneurs. Très à la mode il y a une quinzaine d’années, le vase à  pâte de verre s’échangeait, à cette époque sur le marché, au prix de 30 000€ l’unité.

images

http://www.ladepeche.fr/article/2010/11/14/947748-Un-trafiquant-d-art-sous-les-verrous.html

November 17th, 2010

Posted In: Mailing list reports

GUIDE D’INFORMATION À L’USAGE DES PROPRIÉTAIRES PUBLICS ET PRIVÉS SÉCURITÉ DES BIENS CULTURELS:

download: http://www.museumbeveiliging.com/catalogue.pdf

November 16th, 2010

Posted In: Mailing list reports

GUIDE D’INFORMATION À L’USAGE DES PROPRIÉTAIRES PUBLICS ET PRIVÉS SÉCURITÉ DES BIENS CULTURELS:

download: http://www.museumbeveiliging.com/catalogue.pdf

November 16th, 2010

Posted In: Uncategorized

De grote collectie kunst uit Congo, die tot 16 januari te bezichtigen is in het Cultuurcentrum Scharpoord in Knokke, zit vol vervalsingen. Het betreft de verzameling van Joseph Schelfhout. Dat bericht Knack.be.

“Iemand die weinig of niets afweet over etnische kunst, krijgt in Knokke een rijke tentoonstelling te zien, waarin bijna alle volkeren van Congo worden vertegenwoordigd, van de Luba tot en met de Kuba. Je kunt er beelden en maskers bewonderen die in alle naslagwerken over Afrikaanse kunst staan, gaande van een koninklijk beeld van de Kuba tot en met de uiterst zeldzame zitjes in Buli-stijl (Luba)”, zo schrijft Piet Swimberghe. Replica’sVolgens de auteur wordt op de tentoonstelling een soort replica’s, nabootsingen van bekende maskers en beelden uit museale collecties, getoond. Het is volgens Swimberghe een gangbare praktijk bij falsarissen om in Afrikaanse ateliers nabootsingen te laten vervaardigen op basis van foto’s van bestaande stukken. “Dat verklaart meteen waarom je in de collectie-Schelfhout zo veel klassieke stukken uit beroemde verzamelingen vindt”, luidt het. Marc Felix, een expert in etnische kunst, vindt het jammer dat de tentoonstelling veel publiciteit krijgt, wat de serieuze handelaars allerminst op prijs stellen. Felix wijst er ook op dat de internationale handel in etnische kunst overal geconfronteerd wordt met dergelijke vervalsingen. Volgens de expert is de omzet van de handel in vervalsingen veel groter dan die van de handel in authentieke stukken. (belga/dea)
http://www.demorgen.be/dm/nl/989/Binnenland/article/detail/1183039/2010/11/15/Kunst-uit-Congo-op-expositie-in-Knokke-is-vals.dhtml

November 16th, 2010

Posted In: vervalsing

CCTV cameras yet to be installed at city museum

AMC had promised to install cameras at Amdavad no Atit following the theft of a rare 1748 gold coin

Zahid Qureshi and Ruturaj Jadav

Amdavad no Atit museum from where the 10.5 gm gold coin of Emperor Mohammed Shah’s era was stolen in broad day light Ahmedabad Municipal Corporation has failed to install CCTV cameras at Amdavad no Atit, after a rare 1748 gold coin, belonging to Mughal Emperor Mohammed Shah’s era, was stolen in a broad day light in June.

The AMC authorities had promised to strengthen the security at the
museum. Though the number of security guards have increased at the museum, the CCTVs are yet to be installed.

The security-strengthening plan was to keep a watch at every nook and corner of the museum.

Deputy Municipal Commissioner S K Langha said, “The places for
installation of CCTVs have been earmarked, and the cameras will be functional within 15 days.”

A total of six cameras will be put up at the museum and will be controlled from the museum superintendent’s office. Langha said, “The cameras will be of high definition and the data of 15 days will be stored.”

The Amdavad no Atit museum houses rare coins, paintings, artifacts, photographs, news clipping and paintings that serve as a reminder of a bygone era.

The spot where the coin was displayed before it was stolen Following the coin stolen in broad day light from the museum, AMC had filed a complaint at Ellisbridge police station in this connection.

However, police have not been able to find any lead in this case till date. J B Gadhavi, senior PI of Ellisbridge police station, said, “The investigation is on and we are trying to trace the culprits on the basis of statements taken from the museum officials.”

About the coin

The stolen coin was around 250 years old, and was released during Mughal Emperor Mohammed Shah’s reign in 1748. The gold coin weighed around 10.5 gms.

http://www.ahmedabadmirror.com/article/3/2010111420101114024530586c6cf54fa/CCTV-cameras-yet-to-be-installed-at-city-museum.html

November 14th, 2010

Posted In: Museum thefts

Een brutale schilderijroof in wijksteunpunt De Hofstede in Velserbroek. Op klaarlichte dag en terwijl andere mensen aanwezig waren liep een echtpaar gewoon met het schilderij naar buiten.

Het gaat om een schilderij uit een collectie Chinese zijdeschilderingen en aquarellen van Margreet Milatz, waarvan in het wijksteunpunt een expositie hing. Een schok voor de kunstenares, maar ook voor degene die het werk al voor een paar honderd euro had gekocht.
Nadat De Hofstede de roof bekend maakte bij haar bezoekers, bleek uit een tip dat de diefstal waarschijnlijk op 4 november tijdens de snertmaaltijd plaats heeft gehad. ,,Er waren zo’n 130 mensen tegelijk in het pand voor de erwtensoepmaaltijd”, zegt beheerder van het steunpunt Marcel Stam. ,,In de drukte is het toen weggehaald door een onbekend echtpaar. Ze vroegen zelfs nog aan onze balie om kranten om het schilderij in te pakken. ”
http://www.ijmuidercourant.nl/nieuws/regionaal/ijmond/article6571649.ece/Brutale-schilderijroof-uit-steunpunt-Hofstede

November 14th, 2010

Posted In: Uncategorized

This content is password protected. To view it please enter your password below:

November 14th, 2010

Posted In: Mailing list reports

France pledged Friday to return South Korean royal documents lootedduring its invasion more than a century ago, once a source of constantdiplomatic feud between the two countries.

French President Nicolas Sarkozy, who held 40-minute summit talks withhis South Korean counterpart Lee Myung-bak on the sidelines of the G20economic summit here, promised to lease the ancient documents andallow the five-year lease deal to be renewed.
Lee said he will take it as an official pledge to return the textsfrom the Joseon Dynasty (1392-1910), stolen during the French invasionin 1866. South Korean civic groups have demanded the return of thecultural asset for years.
Lee and Sarkosy also exchanged their views on the Seoul summit. Francewill play host to the next G20 summit in 2011.
Source: Xinhua

November 14th, 2010

Posted In: looting and illegal art traffickers

BEEK/MILLINGEN – In de nacht van woensdag op donderdag is zowel in Beek als Millingen een beeld gestolen. In Beek verdween het brons ‘Samen Sterk’ dat bij de Rabobank stond. In Millingen gaan het om een kunstwerk aan de Zalmstraat.Het kunstwerk in Beek is van de Milsbeekse kunstenares Marian Leijtens en is, aldus de Ubbergse burgemeester Paul Wilbers, met een grijper van zijn sokkel getrokken. De gemeente Ubbergen zoekt nu naar manieren om de talrijke bronzen beelden in met name het dorp Beek te behoeden voor diefstal.In Millingen hebben de dieven ook een beeld met geweld losgerukt. Als reactie op de diefstal haalt de gemeente nu enkele beelden met een bronzen uitstraling in de openbare ruimte weg. De dieven hebben in Millingen overigens een kat in de zak ‘gestolen’: het gestolen werk lijkt namelijk van brons, maar is gemaakt van kunststof.De gemeente Heumen haalde eerder deze week het beeld ‘Don Quichot’ weg voor het gemeentehuis, om te voorkomen dat dieven ermee vandoor zouden gaan om, naar alle waarschijnlijkheid, het brons om te smelten.

November 12th, 2010

Posted In: diefstal beelden

De gele trui die Marco Pantani droeg tijdens de Tour de France van 1998 is door onbekenden gestolen van een tentoonstelling in Milaan. Pantani won dat jaar de Tour.

De diefstal vond afgelopen weekend plaats. De trui, die is geschonken door de familie van Pantani,  lag in het Maddona del Ghisallo-museum. Dat museum is volledig gewijd aan de wielersport.

November 12th, 2010

Posted In: diefstal uit museum

NIJMEGEN – De gemeente Nijmegen heeft tien bronzen beelden van hun sokkel gehaald om ze te behoeden voor diefstal. Dat maakte de gemeente vanochtend bekend. Sinds april namen dieven in de Waalstad en het naastgelegen Heumen meerdere bronzen beelden mee.

De gemeente wil op deze manier voorkomen dat meer beelden verdwijnen. De beelden die zijn weggehaald, zijn kwetsbaar omdat ze makkelijk om te zagen en weg te halen zijn. Een van de kunstwerken is het kenmerkende beeld van Mariken van Nieumeghen op de Grote Markt in Nijmegen.
De gemeente bekijkt nog of het mogelijk is de beelden te voorzien van diefstalbeveiliging. Als dat zo is, worden de beelden teruggeplaatst. Nijmegen telt in totaal zestig bronzen beelden die in de buitenlucht staan.
In de stad verdwenen de afgelopen maanden drie bronzen beelden, plus een beeld dat vermoedelijk ten onrechte voor brons is aangezien. In Heumen verdween één beeld. De gemeente heeft aangifte gedaan. Mogelijk vallen de beelden ten prooi aan dieven die uit zijn op brons en koper. (ANP)

November 11th, 2010

Posted In: diefstal beelden

Tien bronzen beelden in de straten van Nijmegen krijgen extrabeveiliging. Nadat vier beelden in april werden gestolen, wil de gemeente niet nog een keer het risico lopen op diefstal.

De meeste beelden staan nu veilig in een depot. Cultuurwethouder Henk Beerten (D66) noemt dat een drastisch besluit. “Een schok ging door het college van B en W toen ik vertelde dat ook het beeld van Marike van Nieumeghen weg moest”, vertelt Beerten aan Trouw. “Maar het risico van diefstal wil ik niet lopen.” Vijf andere beelden zijn zwaar genoeg om te laten staan.
Het beeld van Marike wil de gemeente snel terugplaatsen, vanwege de iconische waarde.  Maar eerst moet er bekeken worden hoe de beelden het best beveiligd kunnen worden. De gemeente denkt nu aan een microchip die een gps-signaal afgeeft. Als de beveiliging in orde is, mogen de beelden de straat weer op.
http://www.dagjeweg.nl/nieuwsredactie/nieuws/14472/Bodyguard%20voor%20Nijmeegs%20beeld

November 11th, 2010

Posted In: diefstal beelden

A writing instrument can now be added to the Partial Guide to the Tools of Art Vandalism…

The security woes for the Musée d’Art Moderne de la Ville de Paris continue after it was discovered this week that Jean-Michel Basquiat’s “Cadillac Moon 1981 (pictured at right),” which is currently on loan to the museum for its Basquiat retrospective exhibition, was defaced by a felt-tip pen. The Daily Mail’s Peter Allen reports that the museum does not know when the iconic work was defaced. According to Fabrice Hergott, the museum’s director and the Basquiat exhibition’s chief curator, “Cadillac Moon 1981” was “one of the best protected works in the exhibition. There is a permanent guard, as there is with all exhibitions, but we had a special reinforcement of guards for this one.” Evidently, there is a gap between the museum’s sense of security and the effectiveness of the measures it has implemented to secure its collection.
Individuals and institutions with works on loan to the museum must be eager for the safe return of their works of art. The art theft in May, which resulted from inadequate security, coupled with the recent act of vandalism, which involved a famous work on loan to the museum, will likely discourage future loans until the museum upgrades its current security and facilities assessments, and makes the necessary adjustments to better protect the museum’s contents.

http://arttheftcentral.blogspot.com/2010/11/basquiat-painting-vandalized.html

November 11th, 2010

Posted In: vandalism

You have to be a pretty brazen criminal to steal a pretty bronze statue, but that’s just what’s happening in the Dutch city of Nijmegen.  Ten of the city’s historic bronze statues have been stolen in what police believe to be a metal theft scheme.  Bronze the alloy is worth quite a bit of money, so authorities believe the statues will probably not be recovered, except for perhaps in ingot form.

Now, to protect the other statues, the city is removing them from the streets and putting them into hiding.  They’re also considering replacing the statues with less-expensive materials or installing GPS chips to track the statues in the event the are stolen.  Here’s what I don’t get.  How do you steal a statue?  Street signs are small and easy to steal, but a giant bronze dude?  That’s a bit harder to slip into the back of a van.

http://www.popfi.com/2010/11/11/dutch-city-hides-statues-from-thieves/

November 11th, 2010

Posted In: sculpture theft

In Loosdrecht gepikt bronzen beeld terecht

Een van de twee kostbare bronzen beelden die door varende boeven zijn gestolen uit de tuin van Loosdrechtse Carla Korzelius, is terecht. Het gaat om de kleinste van de twee beelden, de naakte vrouw. Het andere beeld, een zeemeermin, is nog spoorloos.
Het beeld werd vorige week aangeboden bij een schroothandel in Zaandam. Een medewerker van het bedrijf herkende het doordat de opmerkelijke diefstal veel media-aandacht kreeg. ,,De opkoper heeft zijn papieren gevraagd. Zo is de zaak gaan rollen”, vertelt Martin Beliën, de partner van Korzelius.Zaterdag werd in zijn woning een dertigjarige Utrechter opgepakt als verdachte. Hij is inmiddels heengezonden met een proces-verbaal. Het onderzoek loopt nog. Dinsdag haalt het Loosdrechtse stel het beeld op. Korzelius: ,,Natuurlijk ben ik blij. Maar het is wel flink beschadigd. Wie gaat dat vergoeden?”
http://www.gooieneemlander.nl/nieuws/regionaal/hilversumplassen/article6561952.ece/In-Loosdrecht-gepikt-bronzen-beeld-terecht

November 8th, 2010

Posted In: diefstal beelden

List of relics under threat to be released
A “red list” of China’s cultural objects that are at risk of being smuggled out of the country will be released at the 22nd general conference of the International Council of Museums (ICOM) on Tuesday.

The ICOM conference, which kicked off at the Expo Center on Sunday, is the first high-level event to be held at the venue since the Expo 2010 Shanghai closed on Oct 31.
The six-day tri-annual conference, themed “Museums for Social Harmony”, has nearly 3,600 experts from 122 countries and regions discussing challenges facing museums all over the world today.
“The red list is about important cultural objects that face the risk of being exported by illegal means,” said Zhang Bai, chairman of ICOM China.
ICOM has been making red lists for endangered categories of archaeological objects or works of art in specific countries since 2000 in a bid to prevent them from being sold or illegally exported.
China will be the seventh country to have a red list made by ICOM.
Alissandra Cummins, president of ICOM, explaining the theme of this year’s conference, said, “To agree but to stand out, to look for common ground but to celebrate the difference.”
The basis of social harmony lies in dialogue, tolerance, coexistence and development based on pluralism, difference, competition and creativity, she said.
ICOM has chosen to have the 22nd general conference in China largely because of the rapid progress of the country’s museum community, said Shan Jixiang, director of the State Administration of Cultural Heritage.
“China didn’t have its first museum until 1905, but now we have more than 3,200 museums nationwide, and every year another 100 museums open in the country. This is rare in the history of the global museum community,” said Shan.
“Existing museums – mostly provincial ones or above – are under expansion or renovation, and many new city or town-level museums are emerging like bamboo shoots in spring time. Private capital is pouring in to protect cultural heritage, (and) establishing various industry museums.
“Since 2008, China’s museums have opened to the public free of charge. Many people who had never visited a single museum became frequent visitors. And in two years’ time, China’s museums received more than 820 million visitors,” Shan said.
As the ICOM general conference progresses in Shanghai, museum communities from all over the world will experience Chinese museums’ rich cultural heritage and prosperity, Shan said.
(Source: China Daily)

http://news.xinhuanet.com/english2010/china/2010-11/08/c_13595925_2.htm

November 8th, 2010

Posted In: looting and illegal art traffickers